Martin Scorsese Met Robert De Niro en Cybill Shepard
...

Martin Scorsese Met Robert De Niro en Cybill Shepard Tony Richardson Met Rob Lowe en Beau Bridges Jonathan Kaplan Met Kelly McGillis en Bernie Coulson Jonathan Demme Met Anthony Hopkins en Scott Glenn Jodie Foster Met Dianne West en Harry Coninck-Junior Jon Amiel Met Richard Gere en Bill Pullmann Michael Apted Met Liam Neeson en Natascha Richardson Robert Zemeckis Met David Morse en Jena Malone Andy Tennant Met Chow Yun-Fat en Ling Bai David Fincher Met Kirsten Stewart en Forest Whitaker Aan devote fans heeft Jodie Foster nooit een gebrek gehad, al is er één die ze liever kwijt dan rijk is. John Hinckley Junior met name, een psychopatische stalker annex would-be songwriter die op 30 maart 1981 de toenmalige Amerikaanse president Ronald Reagan neerknalde om 'haar respect en liefde te winnen'. Hinckley claimde zijn inspiratie voor zijn mislukte aanslag te hebben gehaald uit Taxi Driver, zijn favoriete film. Daarin vertolkt Foster de rol van een tienerhoertje, terwijl het hoofdpersonage Travis Bickle (Robert De Niro) een gelijkaardige aanslag beraamt op een vooraanstaand politicus uit frustratie en wanhoop nadat hij door zijn liefje werd afgewezen. Sinds zijn arrestatie verblijft Hinckley, die in 1982 ontoerekeningsvatbaar en dus onschuldig werd bevonden, in een gesloten afdeling van het St. Elizabeth's Hospital in Washington, ook al lijkt zijn therapie al die jaren beangstigend weinig effect te hebben gesorteerd. Toen hij in april 2000 voor het eerst de toestemming kreeg om zonder begeleiding zijn familie te bezoeken - de man is bijna genezen, zo luidde het advies van de gerechtspsychiaters -, werd de dag erop in Hinckleys kamer een boek onder zijn matras gevonden over Jodie Foster. Sindsdien mag Hinckley, die zich in 1980 trouwens net als Foster inschreef aan de universiteit van Yale om dichter bij zijn idool te kunnen zijn, het hospitaal niet meer uit. Bizar: in 1981 gaf Hinckley een interview aan Newsweek waarin hij verklaarde: ' De lijn tussen kunst en het echte leven is vaak flinterdun. Na zoveel hypnotiserende films te hebben gezien en zoveel magische boeken te hebben gelezen, ontwikkelt zich dan ook een fantasiewereld die ofwel onschuldig kan zijn ofwel heel erg gevaarlijk.' Akelig lucide praatjes voor een ontoerekeningsvatbare psychoot, als u het ons vraagt. Terwijl andere peuters nog vrolijk in de weer waren met stiften en boetseerklei, zat Jodie Foster - echte naam: Alicia Christian Foster - al keihard te onderhandelen over filmcontracten. We overdrijven, maar een normale jeugd heeft Foster, geboren op 19 november 1962, in ieder geval nooit gehad. Niet alleen omdat vader Lucius het gezin nog voor haar geboorte in de steek liet; ook omdat ze op amper 3-jarige leeftijd al haar debuut maakte in een reclamespot voor zonnecrème. De commercials, tv-feuilletons ( Mayberry R.F. D., The Partridge Family, de Disney Club e.a.) en de kleine filmrolletjes (van de Disney-prent Napoleon and Samantha uit 1972 tot Scorsese's Alice doesn't live here Anymore uit 1974) zouden de rest van haar kindertijd verder opvullen. Motor achter dit alles was Fosters dominante moeder Brandy, die haar oogappel steeds nauwlettend in het gareel hield, zelfs tot op volwassen leeftijd, en haar als een gehaaide manager tot aan de top van Tinseltown wist te loodsen. Veel familievreugde leverde Jodies succes als kindsterretje niet op. Haar broer Buddy publiceerde ooit de weinig flatterende, niet-geautoriseerde biografie Foster Child, waarin Jodie werd afgeschilderd als een ongelukkig kind dat door een manipulatief kreng van een moeder tegen wil en dank in de schijnwerpers werd geworpen en geslepen tot een perfecte succesmachine. Fosters reactie: 'Een zielige schreeuw om aandacht en zijn zoveelste poging om moeder door het slijk te halen.' Wat er ook van moge wezen: weinig kindsterretjes kregen op zo'n prille leeftijd al zoveel street credibility toegedicht. Toen Foster voor het eerst werd genomineerd voor de oscar voor beste vrouwelijke bijrol - voor haar doorbraakrol in Taxi Driver - was ze amper 14. Zet Julia Roberts een brilletje op, cast haar in de nieuwe film van Wong Kar-wai, stop haar het verzameld werk van Spinoza onder de arm en koppel haar desnoods aan Jan Leyers: nog steeds zal ze het qua intellectueel imago moeten afleggen tegen Jodie Foster. Sinds jaar en dag wordt Foster, die overigens al kon lezen op haar derde, gefêteerd als de meest integere intello onder de Hollywood queens. Die reputatie heeft ze vooral daaraan te danken dat ze haar rollen erg zorgvuldig uitkiest - meestal ambitieuze leads met feministische inslag - terwijl ze er in interviews niet voor terugdeinst om een literair correct citaat of een feministisch statement te lanceren. De cultureel beslagen Foster kan aardig wat diploma's voorleggen. Ze studeerde als tiener af aan het Lycée Français van Los Angeles (sinds haar 14e spreekt ze vloeiend Frans, wat haar rolletjes in verschillende Franse films opleverde), terwijl ze in 1985 magna cum laude afstudeerde aan de prestigieuze Yale Universiteit, in Engelse Literatuur. Als primus inter pares dan nog! Bovendien kreeg ze in 1997 van diezelfde universiteit een eredoctoraat, om van haar sportieve merites nog maar te zwijgen - naar verluidt is Foster ook verdienstelijk in yoga, karate en kickboxen. Een pientere en atletische tante dus, die ooit nog artikels schreef voor Esquire Magazine en tussen 1990 en 2002 ook nog eens aan het hoofd stond van haar eigen productiemaatschappij Egg Pictures. Gay or straight? De discussie omtrent Jodie Foster is al bijna twee decennia aan de gang, ook al blijft ze zelf nog altijd veilig in de kast zitten. Zelfs toen Outweek - het gay-blad dat van het outen van beroemdheden zijn specialiteit heeft gemaakt - haar in 1991 op de cover zette en haar openlijk tot lesbienne proclameerde (op voorspraak van één van haar ex-vriendinnetjes), bleef Foster ontkennen noch bevestigen. Het is een publiek geheim dat Foster al jaren een discrete relatie heeft met Cydney Bernard, een productieassistente die ze in 1993 ontmoette op de set van Sommersby en met wie ze naar verluidt zelfs haar kinderen opvoedt. Meer dan waarschijnlijk een niet ge-oute lesbienne dus, een gegeven dat volgens sommigen verder wordt gevoed door haar aseksuele, licht androgyne imago en vooral haar opvallende rollenkeuze. De archetypische Foster-protagoniste is een onafhankelijke vrouw met een traditioneel mannelijk ethos zonder love-interest (zie: Silence of the Lambs, Little Man Tate, Panic Room, Flightplan). Foster staat daarmee al jaren te boek als lesbo-icoon (geen zinnig mens die er eigenlijk nog aan twijfelt) maar kreeg ook heel wat kritiek te verduren van gay-activisten. Ze verwijten haar dat ze weigert uit de kast te komen, en dus als lesbisch rolmodel in de spotlights te treden. En in 1991 werd ze luidkeels uitgejouwd toen ze haar oscar voor Silence of the Lambs kwam oppikken, omdat ze met die film - waarin de psychopaat van dienst een homoseksuele travestiet blijkt te zijn - het negatieve imago zou hebben gepromoot dat Hollywood al jaren van homo's en lesbiennes ophangt. Hoe succesvol Foster als actrice ook mag zijn (twee oscars, twee BAFTA-Awards, twee Golden Globes en een trofeeënkast vol andere prijzen), haar meest verbazingwekkende prestatie is nog altijd de manier waarop ze haar privé-leven uit de tabloids weet te weren. Faut le faire, zeker als je weet dat ze als kindsterretje al hordes fans en paparazzi achter zich aan had. Het blijft tot op de dag van vandaag speculeren over haar geaardheid, haar liefdesleven, haar turbulente jeugd, haar omgang met de affaire-Hinckley, haar politieke ideologie en haar troebele familierelaties. Allemaal topics die in interviews in het beste geval steeds worden beantwoord met een oorverdovend stilzwijgen. Zelfs naar de identiteit van de vader(s) van haar twee zoontjes - Charles (8) en Kit (3) - blijft het raden, ook al gaat het volgens insiders in beide gevallen om kunstmatige inseminatie van één en dezelfde anonieme spermadonor. Geen wonder dat om la Foster een waas van mysterie hangt gedrapeerd, zeker in tijden waarin allerlei pseudo-vedettes desnoods zelf cameraploegen uitnodigen om over het kraambed te komen hangen of in hun ondergoedlades te snuffelen. Jodie Foster en Eva Pauwels: we zien het nog niet zo snel gebeuren. Grootstedelijke spleen en romantische wanhoop kregen nooit eerder zo'n menselijk én angstaanjagend gezicht als in Taxi Driver, het ontluisterende verhaal van scenarist Paul Schrader over de eenzame taxichauffeur Travis Bickle (Robert De Niro). Hij snakt naar tederheid, maar in de danteske achterbuurten van Hell's Kitchen vindt hij enkel geweld, hoererij en decadentie. Zijn mutatie van gekwetste loner tot dolgedraaide wraakengel werd door Scorsese gesublimeerd tot één van de allerbeste films aller tijden. En dat met de amper 13-jarige Jodie Foster, die in het Scorsese-drama Alice Doesn't Live Here Anymore ook al eventjes meedeed als het van huis weggelopen tienerhoertje Iris. Goed voor Fosters definitieve doorbraak als serieuze actrice, haar eerste oscarnominatie (beste vrouwelijke bijrol) én een emotionele uppercut die je nog dagen voelt gloeien. Met zijn gedateerde eighties-look en dik aangezette melo kan je deze John Irving-adaptatie bezwaarlijk een goede film noemen, maar qua taboedoorbrekende topics kan dit cultcuriosum nog altijd tellen. Weinig films uit de aalgladde, hypermaterialistische jaren tachtig durfden het aan om de oer-Amerikaanse modelfamilie zo te kijk te zetten, inclusief incestueuze relaties, raciale spanningen, en - het zal je gezin maar wezen - Rob Lowe. Met Jodie Foster als het nu eens sletterige, dan weer vrome zusje dat het verdacht goed kan vinden met haar atletisch gebouwde maar erg weke broertje. Grootse cinema is dit niet, maar de geëngageerde en subtiele vertolking van Foster maakt gelukkig veel goed. In The Accused, een rechtbankdrama gebaseerd op waar gebeurde feiten, kruipt ze in de huid van Sarah Tobias, een jong en uitdagend meisje dat het slachtoffer wordt van een groepsverkrachting. Uitlokking, beargumenteert de verdediging, waardoor het voor Sarahs advocate (Kelly McGillis) knap lastig wordt om de daders alsnog te laten veroordelen. Fosters eerste en ietwat verrassende oscar als beste actrice - vooral het onderwerp en de slachtofferrol met feministisch cachet zullen de immer gevoelige Academy-leden wel over de streep getrokken hebben - én meteen haar definitieve doorbraak als geloofwaardige leading lady. Niet de eerste psychothriller waarin Hannibal Lecter zijn opwachting maakt - die eer gaat naar Michael Manns Manhunter (1985) - maar in ieder geval wel de meest legendarische. Met zichtbaar genoegen, zangerig Oxford-accent, beheerste tics en een sardonische grijns savoureert Anthony Hopkins de rol van de vleesetende psychiater, terwijl Foster al even memorabel is als de onervaren FBI-agente Clarice Starling die de erudiete kannibaal tracht uit te horen. Dé scene uit deze nagelbijter met B-grandeur, fabuleus geregisseerd door Jonathan Demme, is die waarin Clarice zich tot in Hannibals cel waagt en een medegevangene haar 'I can smell your cunt' toesnauwt, waarop Lecter fijntjes repliceert: 'I myself cannot. You use Evian Skin Cream. And sometimes you wear l'Air du Temps. But not today.' Fosters tweede oscar als beste actrice - ze was amper 29 - en nog altijd haar populairste en meest iconische rol. Dat succes is meteen ook de reden waarom ze, ondanks een cheque van 20 miljoen dollar, weigerde om mee te spelen in de inferieure sequels Hannibal en Red Dragon. Haar kwaliteiten als actrice staan buiten kijf, maar als regisseuse maakte Foster totnogtoe helaas niet zo'n geweldige indruk. Het bewijs vind je niet alleen in haar regiedebuut Little Man Tate, een middelmatige tearjerker over een alleenstaande moeder (een typische Foster-rol) die haar hyperintelligente zoontje uit de klauwen van malafide opportunisten tracht te houden. Ook haar tweede film, de geflopte familiekomedie Home for the Holidays (1995), reikte amper boven de Hollywoodiaanse middelmaat uit. Benieuwd of Foster straks alsnog weet te overtuigen als cineaste met Flora Plum, een romantisch offbeat-drama over circusartiesten (voorzien voor medio 2006 en met Meryl Streep en Ewan McGregor in de hoofdrollen), of met haar biopic over nazi-propagandiste Leni Riefenstahl, een controversieel project dat Foster - die bevriend was met de in 2003 overleden cineaste - intussen al meer dan tien jaar lang tevergeefs van de grond tracht te krijgen. Dartel als een bejaarde met wandelrek en romantisch als een lauwe dweil, maar wel één van de meest opvallende én succesvolste films uit Fosters oeuvre. Nooit eerder draafde ze op in een onvervalste 'chick-flick'. Sommersby is een tranerig kostuumdrama over een smachtende vrouw die haar echtgenoot na jaren ziet terugkeren uit de Amerikaanse burgeroorlog, of tenminste toch iemand die er verdacht veel op lijkt. Een strategische carrièrezet - Foster was begin jaren negentig op het toppunt van haar roem - nadat de geruchten over haar lesbische geaardheid steeds hardnekkiger werden? Of gewoon de onweerstaanbare drang om eens wat anders en stereotiep vrouwelijk te doen? Uw gok is zo goed als de onze, al lijkt het funeste gebrek aan 'chemistry' met love-interest Richard Gere, die andere seksueel ambigue Hollywood-vedette, toch in een welbepaalde richting te wijzen. In de eerste film die door haar eigen productiemaatschappij Egg Pictures werd gefinancierd, ging Foster opnieuw de romantische toer op. Ze speelt een volwassen, kretenslakende en primitief om zich heen kijkende idiot savant, die door een welwillende wetenschapper (Liam Neeson) wordt ontdekt in de bossen van North Carolina, en algauw de inzet wordt van juridisch getouwtrek. Niet meteen Fosters meest succesvolle film, en zeker niet haar beste (met dank aan de kleverige verpakking van Michael 'Gorillas in the Mist' Apted) maar wel opnieuw goed voor een (niet verzilverde) oscarnominatie als beste actrice. Ellie heeft haar leven gewijd aan het speuren naar buitenaards leven, en wordt daar op zekere dag voor beloond wanneer ze een radiosignaal from outer space oppikt. Robert Zemeckis baseerde zich op de roman van auteur Carl Sagan voor dit mooi gefilmde, maar psychologisch onvoldragen drama over filosofische vraagstukken, spirituele revoluties en kosmische wilskracht. Met Foster als de flegmatieke wetenschapster Dr. Ellie Harroway, én met Peter Jackson, Lord of the Rings-regisseur, die met zijn WETA-fabriekje tekende voor enkele fraaie special effects. Foster flankeert Chow Yun-Fat, de vroegere fetisj-acteur van John Woo, in dit piekfijn aangeklede (twee oscarnominaties voor kostuums en art direction) maar nogal oppervlakkige kostuumdrama over de beroemde romance, anno 1860, tussen de koning van Siam en de Britse gouvernante Anna. Helaas flopte de film aan de box-office, waardoor Foster haar marktwaarde - 10 miljoen dollar per rol - voor het eerst in haar carrière zag dalen. De titel van deze gestileerde actiethriller over een moeder en een dochter die worden gehomejackt, had meteen ook op het vergaderzaaltje van de producenten kunnen slaan: alles wat tijdens de opstart van dit project kon mislopen, liep ook effectief mis. Cameraman Darius Khondji hield het al na zeven dagen voor bekeken. Nicole Kidman had een week tevoren moeten afhaken met kniepijn, waarop Jodie Foster haar in extremis kwam vervangen, ook al was ze toen al drie maanden zwanger. Bovendien duurden de opnames heel wat langer dan voorzien, waardoor Foster na haar bevalling meteen weer de set opmocht. Panic Room is een wat tegenvallende thriller van Hollywoods goudhaantje David Fincher, waarin Foster - eens te meer gecast als alleenstaande moeder in een paranoïde machowereldje - zowaar debuteert als actieheldin.