Films: **** en ***

Extra's: **

Blaq out (Franse import, originele versie zonder Nederlandse onderschriften)

Films. Minder bekend dan George Cukor, Frank Capra, Howard Hawks en Preston Sturges wordt Mitchell Leisen de laatste jaren gerehabiliteerd als een van de bescheiden meesters van de screwball comedy (zie kaderstukje). Leisen begon zijn carrière als decor-en kostuumontwerper van Cecil B. DeMille en de twee pareltjes in deze uitgave zijn ook typerend voor de visuele glans die hij aan zijn producties gaf - wat een mooi tegengewicht vormt voor de verbale hoogstandjes waarmee het genre terecht wordt geassocieerd. Leisen was zeker geen omhoog-gevallen decorateur: het mooie aan Hands Across the Table en Midnight is de manier waarop hij zijn liefdevolle aandacht voor objecten, decor en kostuums harmonieus met plotontwikkeling, karaktertekening en mise-en-scène tot een verrukkelijk ensemble verweeft.

Beide films spinnen een variatie op het sprookje van Assepoester. In Midnight speelt de heerlijke comédienne Claudette Colbert een jonge vrouw die in Monte-Carlo al haar bezittingen heeft vergokt, behalve de avondjapon die ze draagt en waarmee ze de schijn hoog probeert te houden terwijl ze de Parijse high society verovert. De grote Shakespeare-acteur John Barrymore is een bedrogen echtgenoot die de oplichterij in het snotje heeft en Colbert gebruikt om orde op zaken te stellen in zijn eigen huwelijkscrisis.

Vier jaar voor hij dit erkende meesterwerkje regisseerde, brak Leisen door met Hands Across the Table. Daarin draait de regisseur de rollen om: de vrouw is de actieve partij en de man wordt tot object gereduceerd. Carole Lombard speelt een geldgeile meid die haar baan als manicuurster in een hotel gebruikt om zo snel mogelijk een rijkaard aan de haak te slaan. De erfgenaam (Fred MacMurray in zijn speelfilmdebuut) op wie ze haar zinnen zet, blijkt uiteindelijk een berooide nietsnut die zelf op zoek is naar een gegoede wederhelft. Wat Leisen van de meeste andere beoefenaars van de screwballcomedy onderscheidt, is hoe zijn komedie soms bruusk van toon wisselt om plaats te ruimen voor een puur melodramatische scène. Ondanks de mechanische plotmechaniek die het genre eigen is, brengt Leisen wel degelijk echte gevoelens in zijn lichtzinnige verhalen. Daardoor zit de toeschouwer ook nu nog reikhalzend te wachten tot in het zuurverdiende happy end de romantische idealen over de materialistische verzuchtingen triomferen.

Extra. Zoals te verwachten van een degelijke cinefiele uitgave worden de films aangevuld met erudiete introducties en een portret vande regisseur.

Patrick Duynslaegher