Xbox 360, PS3 (later), PC EA Gameplay: 7 l Grafisch: 7 l geluid: 9
...

Xbox 360, PS3 (later), PC EA Gameplay: 7 l Grafisch: 7 l geluid: 9 'There's no sweeter feeling than that rude jerking, letting you know that your chute has opened. ' We citeren Edward Barnes, sergeant bij de 82nd Airborne, de divisie parachutisten die de Amerikaanse luchtmacht tijdens WO II als engelen des doods achter de vijandige linies uitstrooide. In de vijftiende Medal of Honor-game spring je deze jonge, vaak ongetrainde soldaten achterna. Soldaat eerste klas Boyd Travers is degene wiens valscherm je mag omgespen om als eerste opdracht vier luchtafweerkanonnen van de Asmogendheden onklaar te maken in het Siciliaanse dorpje Adanti. Een van de hoogtepunten is de start van elke missie, wanneer je uit een vliegtuig duikelt en je parachute naar een veilige landingsplek moet zien te sturen. Niet onbelangrijk, dat laatste, want landen tussen acht vijandige soldaten staat gelijk aan zelfmoord. Een slechte landing kost je dan weer acht seconden worstelen om je parachute uit te spelen. Verder blijft Airborne trouw aan de succesformule van Medal Of Honor: intense vuurgevechten waarbij elke gewonnen vierkante meter het tij kan doen keren. De vijand is er niet dommer op geworden: hij tracht je te flankeren, zal niet aarzelen om je met granaten uit je schuilplaats te lokken en hij denkt ook tactischer. Schakel de schutter in een mitrailleurnest uit en zijn collega zal snel zijn plaats innemen. Na Adanti wachten nog vijf missies, niet alle even boeiend. Het gebikkel op de archeologische site van Paestum in Griekenland en de dropping tussen de duinbunkers op D-Day zijn eerder saai; operatie Market Garden in Nijmegen en operatie Varsity - de grootste luchtaanval ooit - bij momenten hevig en boeiend. Het beste level is het laatste: de bestorming van Der Flaktürm, een betonnen bolwerk in Berlijn met twaalf luchtdoelkanonnen en artilleriegeschut. Ook al duren ze gemiddeld een uur om uit te spelen, zes missies voor een nextgen-game is ondermaats. Grafisch kon het ook gepolijster en het realisme en de logica zijn soms ver te zoeken: granaatexplosies hebben meer van een kwak opspattende yoghurt en richt je de Panzerschreck waarmee je zo-even een tank hebt opgeblazen op een houten kist, dan vliegt er geen spaander af. Ook vervelend is dat de game soms last heeft van pop-ups, zeker bij de parachutesprongen. Naarmate de straatstenen dichterbij komen, duiken plots voorwerpen en vijanden op die een seconde eerder nergens te bespeuren waren. De vrijheid van de parachutesprong kan niet camoufleren dat dit, wat de makers ook mogen beweren, nog steeds een lineaire game is. Geen sléchte game daarom: de vuurgevechten zijn intens en met je bottines op de neus van een zwarthemd landen of de pothelm van zo'n Arische kop knallen blíjft genieten. Maar er zit sleet op de formule én het is nu officieel: de Tweede Wereldoorlog is uitgemolken als gamedecor. Roel Damiaans