WOODY ALLEN
...

WOODY ALLEN Met Jonathan Rhys-Meyers, Scarlett Johansson, Emily Mortimer, Matthew Goode en Brian Cox We hebben er meer dan een decennium moeten op wachten, maar eindelijk heeft Woody Allen nog eens een écht geestige, slimme en knap vertolkte film gemaakt. Match Point is met voorsprong zijn beste werkstuk sinds Bullets over Broadway, en bovendien een volkomen atypische Allen-prent. Hij blijft dit keer wijselijk achter de camera, beperkt het Jiddische geneuzel en nerveuze bravado tot een minimum, en ruilt de tragische ironie in voor asgrauw sarcasme. Wat Match Point vooral bijzonder maakt in Allens werk, is dat de film zich niet afspeelt in zijn geliefde heimat Manhattan, maar zowaar in de betere kringen in en rond Londen. Het verhaal focust op de gerateerde tennisprof Chris Wilton (Jonathan Rhys- Meyers), een slimme intrigant van bescheiden komaf die zich als tennisleraar en charmeur de Britse upperclass, en dan vooral het hart van de beminnelijke rijkeluisdochter Chloe (Emily Mortimer) weet binnen te murwen. Helaas blijft Chris' geluk niet duren. Hij begint zich steeds meer vragen te stellen bij zijn comfortabele maar passieloze relatie wanneer hij Nola (Scarlett Johansson) ontmoet, de jonge, grillige maar o zo verleidelijke echtgenote van zijn snobistische schoonbroer. Dat leidt natuurlijk tot overspel - wat had u gedacht - maar Match Point is gelukkig veel meer dan een romantische komedie die nog maar eens de stelling 'geen rozen zonder doornen' moet zien te onderstrepen. Na het eerste, speels in beeld gezette uur wordt de toon alsmaar grimmiger en verandert de film subtiel in een wrange moraliteit. Verliefdheid moet wijken voor compulsieve passie, leep opportunisme voor moorddadig machiavellisme en gezond verstand voor hormonale driften. Blijf vooral zitten tot aan de uitstekende slotact, waarin het lot met enkele venijnige plotwendingen Chris keihard opnieuw de werkelijkheid insmasht. Of zoals Allen al aangaf bij het openingsshot: wanneer een tennisbal de netrand raakt, beslist enkel het grillige lot of de bal aan deze of gene zijde valt. Met zijn geweldige climax, rake observeringen en veelgelaagde thematiek bewijst Allen eindelijk nog eens waarom hij, dertig jaar na zijn creatieve piekperiode (zie: Sleeper, Love and Death, Annie Hall, Manhattan), nog steeds te boek staat als Amerika's meest gelauwerde en productiefste filmauteur. Toch is Match Point geen meesterwerk. De mise-en-scène mist wat visuele punch en het middenstuk had coherenter en puntiger gekund. De milieuschets is ook niet altijd geloofwaardig, met zijn nogal naïeve kijk (een winkelierster die een luxe-flat in hartje Londen huurt?) op de Britse klassenmaatschappij. Niettemin: een originele, vlot vertelde en ingenieuze film, waarin de glimlach zich beetje bij beetje tot een grijns vertrekt. Dave Mestdach