FILM: **** EXTRA's : **** (FILMARCHIEF DVD'S)
...

FILM: **** EXTRA's : **** (FILMARCHIEF DVD'S) Film. De gulzige ambitie van Malpertuis slaat niet alleen op de omvang van de productie, de internationale rolbezetting (Orson Welles, Mathieu Carrière, Susan Hampshire, Michel Bouquet, Jean-Pierre Cassel, Sylvie Vartan) en crew (fotografie van Gerry Fisher, muziek van Georges Delerue), maar ook en vooral op het soort cinema dat Harry Kümel hier beoefent. Deze vrije bewerking van de roman van Jean Ray hoort bij het fantasy genre, de intriges draaien rond een huis waar een vloek op rust en Kümel is ook niet vies van trucjes en clichés uit het griezelarsenaal. Maar finaal zit onder de flamboyante horrorverpakking een megalomane fabel die teruggaat tot de Griekse mythologie. Malpertuis is bovenal een intens cinematografische constructie, met het labyrint als dominant visueel en dramatisch motief. De intrige is een even groot doolhof als het huis der verdoemenis met zijn vele verborgen kamers, duistere gangen en bedrieglijke trompe-l'oeil. Malpertuis is zeker een monumentale onderneming, maar heeft nooit dat verlammende dat zoveel monsterproducties parten speelt. Kümel was nauwelijks dertig toen hij de film draaide, maar lijkt nooit geïntimideerd door deze - zeker voor Vlaamse filmnormen van toen - uit zijn voegen barstende machinerie. Hij ondermijnt integendeel zijn uitzinnig barokke luchtkastelen met grillige, verrassende en vaak zeer grappige toespelingen en terzijdes. Hij amuseert zich verrot met cinefiele en andere binnenpretjes, stilistische hoogstandjes en desoriënterende tournures die de toeschouwer het gras van onder de voeten wegmaaien. Extra's. De negende titel in de reeks Kroniek van de Vlaamse Film is meteen ook de eerste dubbel-disc, want naast de later door Kümel gemonteerde Vlaamse versie zijn ook de twintig minuten kortere Engelse en Franse versies te zien. Deze internationale versies werden gemonteerd door de Engelse cutter Richard Marden die ondanks zijn grote reputatie (Oscar voor Sunday Bloody Sunday van John Schlesinger) niets begreep van de bedoelingen en stijl van Kümel. Een vergelijking tussen de director's cut en de film zoals die voor het eerst in Cannes werd vertoond, levert een fascinerende les in montage op. Marden probeerde de film op conventionele wijze te snijden: de shots worden minder lang aangehouden, door de cuts in de beweging van de personages wordt het hiëratische ritme verstoord. Marden denkt veel meer in termen van conventionele verhalende logica, terwijl Kümel juist zijn voeten veegt aan causale effecten en begaan is met picturale samenhang, verborgen betekenissen en ironische manipulatie van beeldsymboliek. De door Kümel gewraakte Engelse versie heeft dan toch een klein voordeel: je hoort de echte Engelse stemmen, wat in het geval van Orson Welles niet onaanzienlijk is. Bij mijn weten moet dit ook de eerste dvd zijn waarvoor de regisseur zelf in drie verschillende talen drie commentaren inspreekt. De Nederlandse toelichting is het zwakst omdat Kümel er hier alleen voorstaat, en zijn overpeinzingen wat schoolmeesterachtig overkomen. Voor de Franse en Engelse commentaartrack wordt hij bijgestaan door Françoise Levie, dochter van de producer en eerste assistente op de set, waardoor de anekdoten en productieweetjes (de valse neus van Welles), de ontledingen van montage, fotografie en decor (het huis is een samensmelting van zeven verschillende locaties) in een vlottere dialoogvorm veel meer kleur en leven krijgen. Kümel geeft ootmoedig fouten toe (het door Cassel gespeelde personage is te letterlijk uit het boek geplukt) en is terecht bijzonder genereus voor de meesterlijke belichting van Gerry Fisher. Verder worden in de Malpertuis Archieven de productieperikelen uit de doeken gedaan, bezoekt Kümel opnieuw de locaties in Gent, Brugge en Villers-la-Ville, zijn er bijdragen over Welles, Jean Ray en Hamphire (die drie rollen voor haar rekening neemt) en krijg je er ook nog een korte film en een televisiedrama ( De Grafbewaker naar Kafka) van Kümel bovenop. Patrick Duynslaegher