Covent Garden

In de musical My Fair Lady (foto) mag Audrey Hepburn een verbitterde professor opvrolijken als bloemenmeisje van op de overdekte bloemen-, fruit- en groentemarkt van Covent Garden, op dezelfde plek waar de serieverkrachter uit Alfred Hitchcocks minder fleurige Frenzy naar slachtoffers speurt. Hoewel de eigenlijke bloemenmarkt in 1972 naar Battersea verhuisde, is het in en rond het beroemde Piazza nog steeds een drukte van jewelste, met zijn pubs, boetieks, straatartiesten en Royal Opera House.

Notting Hill

Deze kosmopolitische wijk in het westen van Londen, vlakbij de Kensington Gardens, is niet alleen bekend om zijn Victoriaanse villa's of zijn jaarlijkse multiculturele carnaval in augustus. Sinds de jaren 80 is het ook een van de meest trendy kwartieren van de stad, met kunstgalerijen, antiekmarkten, boetieks, bars en restaurants in en langs Portobello Road. Niet langer de favoriete broedplek van paradijsvogels en bohémiens, wel van mondaine hipcats zoals te zien in Bridget Jones's Diary, About a Boy en natuurlijk Notting Hill (foto), die romcom met Julia Roberts en lokale beroemdheid Hugh Grant.

Soho

Lange tijd gold Soho met zijn stripteasebars, bordelen en seksshops als Londens meest beduimelde uitgaanswijk, maar in de jaren 80 onderging de buurt een grondige metamorfose. Anno 2009 zijn er vooral boetieks, loungebars, mediakantoren en wereldrestaurants te vinden, al lokt Soho - dat ingekapseld zit in de theaterwijk West End - nog steeds talloze toeristen die gebrand zijn op een pikant avondje uit. Het zijn dan ook vooral films over het zondige nachtleven die hier werden gedraaid, zoals de musical Absolute Beginners (foto) over de tienercultuur van de late fifties, Stephen Frears' Mrs Henderson Presents over het infame Windmillcabaret of de zedensatire Closer, waarin Natalie Portman er al paaldansend haar talenten showt.

Gherkin

Deze 180 meter hoge wolkenkrabber mag dan pas sinds eind 2003 de skyline van hetfinanciële district - oftewel The City of London - domineren, het ontwerp van toparchitect Norman Foster is in geen tijd uitgegroeid tot een van de bekendste bouwwerken vande stad. Geen wonder dat de zogeheten'erotische augurk' - officiële namen:30 St Mary Axe of de Swiss Re Building - in tal van recente films opduikt. Denk aan Ridley Scotts A Good Year en Woody Allens Match Point (foto), maar ook aan de hilarische sof Basic Instinct 2, waarin Sharon Stone het fallische gebouw in allerlei standjes bestijgt.

Tower of Londen

Dit gebouwencomplex naast de 19e-eeuwse Tower Bridge over de Theems deed in de loop der eeuwen dienst als paleis, fort, staatsgevangenis en arsenaal en herbergt tegenwoordig het museum met de kroonjuwelen. Het oudste gedeelte, de zogenaamde White Tower, gaat terug tot 1078 en Willem de Veroveraar, al is het vooral Tower Hill dat nog steeds tot de verbeelding spreekt. Hier werden immers tal van hoogwaardigheidsbekleders geëxecuteerd, zoals Thomas More, Lord Hastings en Anna Boleyn, terwijl zowel Queen Elizabeth, Sir Walter Raleigh, Rudolf Hess als decriminele Kraybroers er een tijdlang gevangen zaten. Geen wonder datde Tower in tal van kostuumfilms opduikt, waaronder de Thomas More-biopic A Man for All Seasons, het royaltydrama Elizabeth (foto) en The Other Boleyn Girl over de vrouw(en) van Hendrik VIII.

Crimineel Londen

Net als elke wereldstad kan Londen bogen op een woelige criminele geschiedenis die tal van filmmakers inspireerde. Notoire voorbeelden zijn de Hitchcockthrillers -denk aan Blackmail, The Man who Knew Too Much (beide versies), The 39 Steps, Sabotage,Foreign Correspondent en Frenzy (foto). Andere misdaadfilms portretteren de verschillende periodes van de Londense onderwereld. Zo staan in The Krays de tweelingbroersRonald en Reginald Kray centraal, de misdaadkoningen van de sixties. In 10 RillingtonPlace wordt ingezoomd op John Christie, de beruchtste seriemoordenaar van de jaren 40. In The Long Good Friday, Mona Lisa, Lock, Stock and Two Smoking Barrels, Sexy Beast en Eastern Promises gaat het dan weer over de moderne misdaadmilieus.

Studio: Pinewood

Met namen als Riverside, Twickenham, Elstree en Ealing heeft de Britse metropool nooit een gebrek gehad aan legendarische filmstudio's. Toch blijft die van Pinewood - dertig kilometer ten westen van het stadscentrum - de grootste en bekendste. Het studiocomplex in Iver Heath, Buckinghamshire, werd in 1934 opgericht door entrepreneur Charles Boot en ging in 2001 een merger aan met Shepperton, die andere Britse studiogigant. Enkele roemruchte regisseurs die er werkten, waren Michael Powell, Alfred Hitchcock, Billy Wilder, Fred Zinnemann, Stanley Kubrick, David Fincher en Tim Burton, al is de studio vooral bekend als de vaste honk van 007. Alle 22 Bondfilms, van Dr. No tot Quantum of Solace, werden immers deels in Pinewood gedraaid. De vaste '007 Stage' is nog steeds een van de grootste productiehangars ter wereld, productiondesigner Ken Adam knutselde er ooit een olietanker in elkaar voor The Spy who Loved Me.

Victoriaans Londen

De regeerperiode van Queen Victoria - van 1837 tot 1901 - was niet alleen een periode van preutse zeden, koloniaal imperialisme, industriële ontplooiing en sociale uitbuiting. Het was ook de tijd waarin Charles Dickens zijn verhalen over Oliver Twist en Ebenezer Scrooge neerpende, seriemoordenaar Jack the Ripper de schimmige straten onveilig maakte en ArthurConan Doyles detective Sherlock Holmes zijn speurneus opzette. Aan films over bovenvernoemde figuren allerminst gebrek, al werd het tijdperk nooit zo spookachtig mooi belicht als in David Lynch' The Elephant Man (foto), een zwart-witbiopic over Joseph Merrick, circusfreak tegen wil en dank.

Dystopisch Londen

Ook al is Londen het historische zijn van het Britse imperiumen zijn strak geordende klassenmaatschappij; geen stad viel op pellicule zo vaak ten prooi aan aliens, zombies of totalitaire regimes. Zo wordt futuristisch Londen zowel in Fahrenheit 451, A Clockwork Orange (foto), 1984 en Brazil, als in V for Vendetta en Children of Men herschapen tot een fascistoïde dystopie bestuurd door Big Brother. In de sciencefic-tionthrillers The Day of the Triffids en 28 Days Later... - met die akelige beelden van een desolate Westminster Bridge - zijn het respectievelijk buitenaardse planten en hondsdolle zombies die de Londense bevolking decimeren.

Swinging Londen

Midden jaren 60 werd Londen plots het mekka van de hedonistische jeugdcultuur met zijn nieuwe ontwikkelingenop het gebied van popmuziek, cinema en mode.De minirokjes vansupermodel Twiggy,de Union Jacks en Mini Coopers, de boetieksvan Carnaby Street, de rockers van The Who, The Yardbirds en de Stones... ze passeren gezwindde revue in hippe sixtieskronieken als A Hard Day's Night, The Knack... and How to get it, Alfie, Blow-up (foto), Bedazzled en Performance.

Stadsdichter: Stephen Frears

Stephen Frears mag dan geboren zijn in Leicester, de veelzijdige Brit woont en werkt al meer dan dertig jaar in Londen en heeft zijn adoptiestad op de meest diverse manieren belicht. In zijn sociale doorbraakfilm My Beautiful Laundrette stort hij zich in de migrantenbuurten van Battersea ten tijde van Margaret Thatcher, terwijl in de zedensatire Prick Up Your Ears de gay scene van swinging Londen en de Royal Academy of Dramatic Arts centraal staat. Victoriaans Londen is dan weer het decor van de Dokter Jekyll & Mister Hyde-adaptatie Mary Reilly.Met zijn misdaadthriller Dirty Pretty Things werpt hijvervolgens een blik op de lokale onderwereld van Sohoen Kensington. En in het satirische royaltydrama The Queen (foto) focust Frears op Buckingham Palaceen zijn koninklijke residenten. Kortom: deze stads-chroniqueur is van alle Londense markten thuis.

Volgende week Berlijn

Door Dave Mestdach