Zondag 16/8, 23.15, Canvas
...

Zondag 16/8, 23.15, Canvas Terwijl op 22 juli 2011 de berichten over de moordtocht van Anders Behring Breivik binnensijpelden en de wereld tot stilstand kwam, voelde de Nederlandse filmmaker John Appel, naast ontzetting en verdriet, ook de goesting om het drama van Oslo en Utøya te kaderen binnen iets wat hem al jaren fascineerde: het toeval. In 2012 liet hij deze bespiegeling optekenen: 'Hoeveel kun je plannen? En in hoeverre overkomen dingen je gewoon? Alles wat op ons pad komt, elke beslissing die we nemen, verandert wat er daarna gebeurt. De precieze gevolgen ervan zijn onmogelijk te overzien, verbanden kunnen we vaak pas achteraf leggen. Dat gebeurt dan ook veelvuldig, waarna het ?toevallige" aspect nogal eens in twijfel wordt getrokken.' In Wrong Time Wrong Place, zijn docu over de Noorse massamoord, twijfelt hij niet. Hoezeer we ons lot ook in de gewenste vorm proberen te kneden, het toeval blijft 'de grote regisseur'. De regie van zijn film liet hij dus deels meesurfen op de golven van het lot. Vrij snel botste hij op Hakon, een Noor die zich op een toilet op het eiland Utøya had verschanst en zo aan de kogelregen was ontsnapt. Hij zat er met twee meisjes, de Koerdische Hajin en de toen twee maanden zwangere Ritah uit Oeganda. Appel, die enige symboliek rond leven en dood op het oog had, wilde per se haar bolle buik filmen. Na lang aandringen vernam hij dat ze asiel had aangevraagd in het Zeeuwse Goes. De dag nadat ze had ingestemd, ging hij langs, nog een dag later werd haar zoontje geboren. Net als een van de aartsengelen heet hij Michael en daar is een reden voor: 'We hadden een beschermengel in Noorwegen.' Leila, de moeder van Tamta, het Georgische meisje dat Breiviks laatste slachtoffer werd, ziet dan weer een verklaring in een 17e-eeuwse doemprofetie. Haar man ziet de zaken aardser: oog om oog, tand om tand. Harald, een wat oudere ambtenaar die nagenoeg blind werd door de autobom in Oslo, beseft dat het lot tarten - of net niet - niets verandert. Nadat zijn levenslustige waaghals van een zoon de dood had gevonden in een wingsuit, was hij voorzichtiger gaan leven en desondanks werd hij plots door puin omringd. Dat risico's proberen te minimaliseren zinloos is, werd de regisseur van onder meer de André Hazes-docu Zij gelooft in mij (1999) met de paplepel ingegeven. Zijn gokverslaafde vader, wiens verhaal hij later zou vertellen in The Player (2009), was principieel nergens tegen verzekerd. De appel valt niet ver van de boom, en zo sloot Appel zelf enkel een zorgverzekering af. Met zijn verstilde en in Skopje bekroonde docu wil hij niet alleen mijmeren over brute pech en dom geluk, overleven en overlijden en onbegrip en de drang om te begrijpen. Hij wil ook dat we de chaos omarmen. 'Onvoorspelbaarheid is de essentie van het leven en die moet niet worden gevreesd, maar bezongen.' THOMAS VAN LOOCKE