The Brood / Quién puede matar a un nino?

Du Welz: Vinyan is begonnen met het idee om een verhaal te vertellen over een monsterlijk kind. Ik wou iets maken met agressieve en moordzuchtige kinderen, net zoals David Cronenbergs The Brood, of Quién puede matar a un nino? van Narciso Serrador, een Spaanse horrorfilm uit de jaren 70 die bij ons vooral bekend werd onder de titel Island of the Damned. In beide...

Du Welz: Vinyan is begonnen met het idee om een verhaal te vertellen over een monsterlijk kind. Ik wou iets maken met agressieve en moordzuchtige kinderen, net zoals David Cronenbergs The Brood, of Quién puede matar a un nino? van Narciso Serrador, een Spaanse horrorfilm uit de jaren 70 die bij ons vooral bekend werd onder de titel Island of the Damned. In beide gevallen gaat het om kinderen die de volwassenen op bloederige wijze de rekening presenteren. Toen het nieuws over de tsunami in Thailand de wereld rondging, wist ik dat ik mijn setting gevonden had. Dat was het postapocalyptische decor dat ik zocht. Du Welz: Ik wil Vinyan absoluut niet met Coppola's film vergelijken, die vind ik een meesterwerk. Coppola heeft er drie jaar over gedaan, terwijl Vinyan op zeven weken gedraaid is, als in een koortsdroom. Maar het is wel zo dat je in beide verhalen personages hebt die een lange reis ondernemen om zichzelf te verlossen, in ons geval van rouw, waanzin en de dood. Aguirre van Werner Herzog is ook zo'n verhaal, mensen die een reis maken en steeds dieper in de waanzin wegzinken, omdat ze steeds meer van hun omgeving doordrongen raken. Bovendien moeten ze voortdurend vechten tegen een vijandige natuur. Du Welz: Als je het over een koppel hebt dat in een vreemde omgeving om de dood van een kind rouwt en dan geleid wordt door een kinderlijke figuur met een rode outfit, kom je natuurlijk al snel bij Don't Look Now uit. Ik kon het niet laten, het is waarschijnlijk mijn favoriete film aller tijden. Hij is voor mij een obsessie geworden. Nicolas Roeg heeft het zo aangepakt dat je niet kunt uitmaken wat voor verhaal het nu eigenlijk is. Dat heb ik ook met Vinyan geprobeerd, op mijn manier dan wel. Du Welz: Het gebeurt niet vaak dat je films ziet die je visie op het medium veranderen, maar met Soy Cuba was dat zeker het geval. Ik zag hem toen ik Calvaire pas af had en kon mijn ogen niet geloven. Ik wilde bij Vinyan dolgraag dezelfde soort lange sequenties proberen, maar dat bleek productioneel onmogelijk. De film heeft me echter wel de moed en de inspiratie gegeven om samen met mijn cameraman Benoît Debie elke kans aan te grijpen om te experimenteren.