FELIX VAN GROENINGEN
...

FELIX VAN GROENINGEN mET TITUS DEVOOGDT, DELFINE BAFORT, JOHAN HELDENBERGH, ROMY BOLLION Steve+Sky lijkt op het eerste gezicht een doordeweeks boy meets girl-verhaaltje, maar regisseur Felix Van Groeningen omzeilt in zijn debuutfilm op een clevere manier de gemeenplaats. In een losse vertelstructuur, handig doorweven met flashbacks en flashforwards, laat hij zijn losgeslagen personages hopeloos op zoek gaan naar liefde, naar zichzelf en naar de meaning of life. De amour fou tussen het ex-boefje Steve (Titus Devoogdt) en de ex-prostituee Sky (Delfine Bafort) speelt zich af in het milieu van louche bars, parenclubs en bordelen: de doorsnee inwoner van St.-Martens-Latem, Gent ziet zijn cultureel erfgoed waarschijnlijk liever in musea (de Latemse school) of de vastgoedcatalogus vereeuwigd dan in een prent die zich in en rond de hoerenkasten van de Kortrijksesteenweg afspeelt, maar het neon en de eros-kitsch zien er in Steve+Sky fabelachtig uit. Samen met zijn fotografieleider Ruben Impens opteerde Van Groeningen voor het omkeerfilmprocédé, met verzadigde kleuren als gevolg. De grove korrel werd verkregen door het opblazen van het 16 mm-materiaal naar 35 mm. Beide elementen dragen bij tot de rauwe en harde look van de prent. Hoe brutaal de film echter ook mag ogen, je gelooft geen seconde in de marginaliteit van de hoofdpersonages. Steve, Sky en de rolstoelfilosoof Jean-Claude (Johan Heldenbergh) vertoeven dan wel in een wereld waar geld, seks en persoonlijk genot de agenda vullen, ondanks hun stoere houding dromen Steve en Sky van een betere wereld die ze kennen uit deboekskes. De finale is om die reden ook dubbel interpreteerbaar. De doemdenker kan er de dood in zien, de romanticus de hereniging in de liefde. De kruising tussen idyllisch sprookje en ruige realiteit maakt Steve+Sky net zo opmerkelijk. De grootste troeven van de film zijn het feilloos gevoel voor ritme en de voortreffelijke beeldregie: want hoe hip de prent ook mag ogen, verwacht geen muziekvideomontage. Steve+Sky doet in zijn improvisatietechnieken (hoofdzakelijk tijdens de voorbereidingen) en acteursregie denken aan John Cassavetes; de strakke beeldkaders en het immense gevoel voor tijd en ruimte roepen Michelangelo Antonioni voor de geest. De toon is dan ook veeleer koeltjes dan gezwollen sentimenteel. Aangezien de integrale ploeg afkomstig is uit het Gentse, wordt in Steve+Sky lekker Algemeen Beschaafd Gents gesproken. Een verademing na het Antwerps als voertaal van de meeste Vlaamse films en stukken spontaner dan het opgekuiste Nederlands van onze soaps. Steve+Sky is, een beetje zoals Tom Barmans Any Way The Wind Blows, een vreemde eend in de bijt en getuigt van guts en vindingrijkheid. Als dit de nieuwe lichting Vlaamse filmers aankondigt, kijken we vol vertrouwen de toekomst tegemoet. Piet Goethals