WAT?

Een rotgetalenteerde, op audiofiel geluid beluste dj, producer en remixer: dat was New Yorker Larry Levan al eind jaren 70, toen die vorm van multitasking je nog niet automatisch een ticket opleverde om op Ibiza een horde pillenslikkende Britten te gaan plezieren. Neen, voor altijd zal Levan geassocieerd blijven met de notoire danstempel Paradise Garage, een privédisco in SoHo die tussen 1977 en 1987 een thuishaven was voor overwegend zwarte homoseksuelen en transgenders die maar één ding wilden: dansen. Larry Levan...

Een rotgetalenteerde, op audiofiel geluid beluste dj, producer en remixer: dat was New Yorker Larry Levan al eind jaren 70, toen die vorm van multitasking je nog niet automatisch een ticket opleverde om op Ibiza een horde pillenslikkende Britten te gaan plezieren. Neen, voor altijd zal Levan geassocieerd blijven met de notoire danstempel Paradise Garage, een privédisco in SoHo die tussen 1977 en 1987 een thuishaven was voor overwegend zwarte homoseksuelen en transgenders die maar één ding wilden: dansen. Larry Levans spel van ruimtelijke effecten, stuwende bassen en langgerekte instrumentale passages, doorspekt met bevlogen gospel- en soulzang, zorgde ervoor dat disco langzaam tot house vervelde. Niet zozeer dankzij zijn techniek, maar eerder dankzij zijn gevoel wordt Larry Levan soms de beste dj aller tijden genoemd. Verafgood is het juiste woord. De Paradise Garage was weliswaar alcohol- maar niet drugsvrij: volledig opgaan in Levans vaak intuïtieve draaitafelwerk was het enige ordewoord. Levan deelde zijn seksuele geaardheid met het cliënteel, en divamanieren waren hem niet vreemd: de volgende plaat niet starten zolang hij geen applaus had gekregen, een plaat tot tien keer op een avond draaien, of van Life Is Something Special van Peech Boys een hele nacht lang slechts fragmentjes prijsgeven, om pas bij het ochtendgloren het hele nummer te lossen. Net zoals in de hoogdagen van de disco noemden bewonderaars zijn clubavond vol eerbied de zaterdagmis. Genius of Time is verre van de eerste verzamelaar van de man. Toch vormt deze dubbelaar, dankzij de klemtoon op remixes en productiewerk, een valabele aanvulling op pakweg het uitmuntende Live at the Paradise Garage (2000). Het grootste deel van de tracks stamt uit de vroege jaren tachtig, wat vaak valt af te leiden uit het infuus van synthesizer- en drumcomputerklanken. Maar ondanks die auditieve datering geven Levans warme en zweterige studio-interpretaties van songs van Grace Jones, Gwen Guthrie, Dee Dee Bridgewater, Smokey Robinson (wiens fameuze stem hij tot een smachtende zucht terugbrengt) of Man Friday evengoed aan hoe impressionistisch en narratief hij in de Garage zijn kudde hoedde. Larry Levan heeft de house dus mee uitgevonden, wat toch al veel is voor een leven dat in 1992 na amper achtendertig jaar door een falend hart tot stilstand werd gebracht. Maar wees gerust: de vele kwalijke uitwassen van dat genre die sinds de jaren negentig opgeld hebben gemaakt, zult u hem na inbeslagname van Genius of Time niet (meer) ten kwade duiden. LARRY LEVAN **** Genius of Time disco / house Universal KURT BLONDEEL