L'ivresse du pouvoir **

CLAUDE CHABROL
...

CLAUDE CHABROL MET ISABELLE HUPPERT, FRANçOIS BERLéAND, PATRICK BRUEL, ROBIN RENUCCI, MARYLINE CANTO Met een recent gemiddelde van één film om het anderhalf jaar gaat het weliswaar een flink stuk trager als vroeger, maar van een gebrek aan inspiratie is bij nouvelle vague-veteraan Claude Chabrol - 75 inmiddels - geen sprake. L'ivresse du pouvoir is zijn 52e langspeler al (tv-series en episodes uit omnibusfilms geeneens meegerekend), maar dat maakt hem niet minder gebeten. Als vanouds klaagt hij de machinaties van de macht aan en zet hij terloops de bourgeoisie op een sardonische manier te kijk. Aanleiding voor zijn politiek gechargeerde comédie humaine is het Elf-petroleumschandaal - al drukt een spotzieke Chabrol ons bij de openingscredits op het hart dat 'alle gelijkenissen met bestaande personen en gebeurtenissen, zoals men dat zegt, louter toevallig zijn'. De onkreukbare onderzoeksrechter Jeanne Charmant Killman (Huppert) - let op de typische Chabrol-naam - is vastbesloten om het moeras rond de dubieuze geldstromen van een belangrijke industriegroep voor eens en altijd droog te leggen. Omdat verschillende topfiguren uit het Franse politieke establishment bij het perfide omkoopzaakje betrokken zijn, wordt ze vrij snel tegengewerkt en bedreigd door allerlei maffiose tussenpersonen die zich ophouden in de schemerzone tussen politiek en afpersing, tussen overheidsdotaties en smeergeld. Privé begint de zaak zwaar door te wegen: als ze de klok rond door lijfwachten wordt omringd, heeft haar loyale echtgenoot het gehad met haar fanatieke idealisme. Chabrol heeft de thema's van machtsmisbruik, manipulatie, hebzucht, egomanie en verbitterende romantiek wel vaker en met meer aplomb behandeld (zie Que la bête meure, L'Enfer, La Ceremonie en andere) dan hier. Niet alle subplots of personages uit dit politieke puzzelstuk zijn even grondig uitgewerkt, en hier en daar zakt het ritme in elkaar. Toch slaagt hij er door zijn franjeloze maar directe regiestijl in de gratuite sensatiezucht achter het onderwerp te overstijgen en de verschillende genreconventies te verstrengelen tot een intrigerende vertelling over de verslaving en de arrogantie van de macht. Zoals gebruikelijk husselt hij daarbij verschillende elementen uit de mystery-thriller, de polar, het bourgeoisdrama en de zedenkomedie dooreen, waardoor het geheel wat weg heeft van Syriana in komische variant. Bovendien verkeert zijn muze Isabelle Huppert weer eens in bloedvorm als de onderzoeksrechter die met één stralende glimlach van naïeve burgertrut tot sardonische grootinquisiteur muteert. Geen Chabrol grand cru, wel lekker ouderwets vertier dat met beide poten in de politieke actualiteit staat. Dave Mestdach