Een weldenkend mens zou zich afvragen of de wereld al niet genoeg grappen over harnassen en kuisheidsgordels kent, maar Frodo De Decker is duidelijk geen weldenkend mens. In een mijnenveld vol afgezaagde moppen slaagt hij er toch i...

Een weldenkend mens zou zich afvragen of de wereld al niet genoeg grappen over harnassen en kuisheidsgordels kent, maar Frodo De Decker is duidelijk geen weldenkend mens. In een mijnenveld vol afgezaagde moppen slaagt hij er toch in een slalommend pad naar frisse grapjes te vinden. Soms in drie prentjes, soms in een hele bladzijde. Zoals in De Deckers eerdere serie Otto dienen clichés in De ridder om op te variëren en houdt hij zich ook niet al te strak aan de wetten van het genre. De 21e eeuw en zijn dominante entertainment zorgen voor geinige anachronismen. Het geharnaste figuurtje van De Decker gaat bijvoorbeeld op een queeste naar een gevulde broodautomaat of neemt het op tegen Darth Vader. Zoals dat in grappenbundels gaat, is de ene mop leuker en onverwachter dan de andere, maar echte rommel zit er niet bij. Het helpt ook dat De Decker er grafisch altijd zijn werk van maakt. In De ridder, zijn eerste strip met tekst, toont hij dat hij meer is dan een tekenaar met gevoel voor timing. Al was die cameo van Alex Agnew als hofnar voor ons niet nodig.