Een strak plan, wat geluk, een stel matige voetballers die daarna nauwelijks nog een deuk in een pak boter zouden schoppen en beton, heel veel beton: meer had Otto Rehhagel (intussen 82) niet nodig o...

Een strak plan, wat geluk, een stel matige voetballers die daarna nauwelijks nog een deuk in een pak boter zouden schoppen en beton, heel veel beton: meer had Otto Rehhagel (intussen 82) niet nodig om het Griekse nationale voetbalelftal in 2004 richting EK-glorie te dirigeren. Onder leiding van de Duitser met de als uit steen gehouwen kop klopten de Grieken in de finale gastland en topfavoriet Portugal, nadat ze eerder al Frankrijk en Tsjechië hadden uitgeschakeld. Toen Rehhagel vier jaar eerder de Bundesliga had verlaten met drie landstitels in zijn bagage (twee met Werder Bremen, één met Kaiserslautern), werd daar wat smalend over gedaan. Wat ging zo'n toptrainer in godsnaam zoeken bij een nationale ploeg die nog nooit de eerste ronde van een groot tornooi had overleefd? Deze documentaire van Christopher André Marks toont hoe Rehhagel de Hellenen de Duitse Kampfmentalität wist bij te brengen en in enkele weken tijd uitgroeide tot de koning van Griekenland.