TANIGUCHI & MOEBIUS
...

TANIGUCHI & MOEBIUS IBOOKS, RESP. 158 en 140 blz., a 18,75 TANIGUCHI & SEKIKAWA SEUIL, 310 BLZ., a 17,7 TANIGUCHI & FURUYAMA GENERATION COMICS/PANINI, 240 BLZ., a 14 Jiro Taniguchi werd in 2003 als eerste Japanner bekroond in Angoulême (beste scenario voor Quartier lointain). Dat uitgerekend hem die eer te beurt viel en niet een bekendere mangaka als Otomo ( Akira) of Toriyama ( Dragonball) lag in de lijn van de verwachtingen. Taniguchi maakt immers manga's die Europees aandoen door hun zin voor detail en hun niet-stereotiepe diepzinnige thema's. Totnogtoe was vooral zijn recente, homogene werk vertaald: L'homme qui marche of Le journal de mon père tonen Taniguchi als een gevoelig auteur van trage verhalen. De laatste maanden verschenen ook totaal andere boeken in vertaling. Icaro is een heel typische manga, die Taniguchi en zijn studio tekenden op scenario van Fransman Moebius. Hij verwerkt veel persoonlijke fascinaties in zijn verhaal over een jongen die kan vliegen. Uit liefde vlucht hij uit de kooi die wetenschappers voor hem hebben opgetrokken. Ander werk van Taniguchi documenteert de Japanse geschiedenis. Au temps de Botchan is een vijfdelige serie over de Japanse literaire wereld aan het begin van de 20e eeuw, een turbulente periode waarin Japan snel moderniseerde en westerse invloeden onderging. Taniguchi en Sekikawa focussen voor het tweede boek op de dichter Takuboku, die zijn hele korte leven zijn verantwoordelijkheden ontvluchtte en geldproblemen had. Hoewel de hele literaire context voor Europeanen onbekend is, blijft Dans le ciel bleu boeiend als menselijk en historisch portret. Kaze no shô gaat verder terug in de tijd, naar de zeventiende eeuw van de samoerai. Maar Taniguchi's variant van een samoeraistrip draait niet alleen om vechtscènes: de goede samoerai moeten een geheim manuscript redden om zo het land van een burgeroorlog te vrijwaren. De samenzweringen van de keizer tegen de macht van de sjogoens krijgen voldoende menselijke achtergrond om de visueel sterke vechtscènes aan te vullen. Gert Meesters