'Drink er één op kosten van Pearl', stond er op de uitnodiging die tweehonderd vrienden kregen voor Janis 'Pearl' Joplins uitvaartdienst. Conform haar testament speelde die dag The Grateful Dead ten dans, en vloeiden drank en drugs rijkelijk. Net zoals in Joplins korte leven: de zangeres was al jaren zwaar verslaafd aan alcohol en heroïne.
...

'Drink er één op kosten van Pearl', stond er op de uitnodiging die tweehonderd vrienden kregen voor Janis 'Pearl' Joplins uitvaartdienst. Conform haar testament speelde die dag The Grateful Dead ten dans, en vloeiden drank en drugs rijkelijk. Net zoals in Joplins korte leven: de zangeres was al jaren zwaar verslaafd aan alcohol en heroïne. Hoewel ze zich tijdens de opnames van Pearl eind augustus 1970 opvallend gefocust had getoond, spoot ze zich elke avond plat op haar kamer in het Landmark Motor Hotel. Tegen begin oktober was Pearl bijna ingeblikt. Op zaterdag 3 oktober kwam Joplin nog even naar de studio om te luisteren naar de instrumentale versie van Buried Alive In the Blues, dat ze de volgende dag zou inzingen. Zondagochtend liet Joplin echter wat lang op zich wachten. Dat gebeurde wel vaker, vooral bij een kater, dus er was niet meteen sprake van paniek. Toen ze 's middags nog steeds niet was gearriveerd, ging manager John Cooke naar haar op zoek. Haar Porsche in hippiekleuren stond nog op de parking van het hotel, maar de telefoon nam ze niet op. Cooke vreesde het ergste. En terecht: nadat hij haar kamerdeur had ingebeukt, trof hij Joplin dood aan. Halfnaakt lag ze op de grond, de laatste sigaret nog in de hand. Oké, Joplin hád een uitgesproken zelfdestructief kantje, waarbij ze anderen trouwens niet spaarde: zo besmette ze tientallen mannen met gonorroe. Haar verslavingen hád ze niet onder controle, want bij momenten jaagde ze dagelijks voor 200 dollar heroïne door haar aders. Haar laatste avond had ze echter gewoon pech. Haar drugsdealer liet zijn spul altijd bij een laborant testen op zuiverheid en dosering, maar net dat weekend was die chemicus met verlof. In plaats van niets te verkopen, bood de dealer Joplin en zijn andere afnemers ongecheckte heroïne aan. Joplin bezweek, net als acht andere klanten. Het nieuws kwam hard aan in de muziekwereld, zeker omdat twee weken tevoren ook Jimi Hendrix aan een overdosis was gestorven. De bandleden van Full Tilt Boogie werkten Pearl nog netjes af en brachten het album postuum uit in februari 1971. Joplins succesvolste plaat ooit leverde hits als Me and Bobby McGee, Mercedes Benz en My Baby op. Haar zwanenzang Buried Alive In the Blues bleef instrumentaal. Na haar dood kreeg Joplins zus de muziekrechten in handen. Voor grof geld liet ze Mercedes én BMW in hun reclamespots het nummer Mercedes Benz gebruiken. Voor de ergste lijkenpikkerij moet je echter in Port Arthur, Joplins Texaanse geboortedorp, zijn. Als rebelse puber werd ze er weggepest, maar nu is ze er de toeristische topattractie. Een wandelzoektocht langs mythische plekjes, talrijke Joplincafés en een jaarlijks concert met een tribute band moeten de herinnering voeden. Of zou het de gemeentekas zijn? Thijs Demeulemeester