Sinds het midden van de jaren tachtig maakt Gentenaar Bruno Deneckere platen en plaatjes met groepen en groepjes. Hij passeerde bij The Pink Flowers, Roland, Wigbert en Brendan Croker, maar heeft met Crescent of the Moon een cd klaar die hem verder kan brengen dan het podium van Sint-Jacobs op de Gentse Feesten. Een rustige singer-songwriter die houdt van warme pedal steel guitars en intelligente teksten, en kampt met een southern drawl en een verstopte neus, daar trekken wij al eens een blik bonen voor open.
...

Sinds het midden van de jaren tachtig maakt Gentenaar Bruno Deneckere platen en plaatjes met groepen en groepjes. Hij passeerde bij The Pink Flowers, Roland, Wigbert en Brendan Croker, maar heeft met Crescent of the Moon een cd klaar die hem verder kan brengen dan het podium van Sint-Jacobs op de Gentse Feesten. Een rustige singer-songwriter die houdt van warme pedal steel guitars en intelligente teksten, en kampt met een southern drawl en een verstopte neus, daar trekken wij al eens een blik bonen voor open. Bruno Deneckere: Die trailer parks zijn mijn wereld niet, de liefde wel. Ik vind het fascinerend om te blijven zoeken naar het grote ideaalbeeld. Meestal is het lief dat je hebt oké, daar niet van. Ernaar stréven, daar gaat het om. Kiezen voor één ideale, onbereikbare vrouw, daar niet van af willen stappen maar wél met de miserie zitten. Ik vind het ontzettend maf dat zowel Petrarca als Dante daar zo mee worstelden. Van zo'n goddelijke vrouw wil ik gerust mijn wereld maken, meer dan van een woonwagenpark ( lacht). Deneckere: Toch niet. Ik heb de songs in de afgelopen drie jaar geschreven. It took so long hebben we op de laatste knip in de studio verzonnen. Ik ben niet zo'n grote planner. Pas achteraf dringt het tot me door dat er een connectie tussen de nummers bestaat. Ik beschouw het wel als een projectplaat door de manier waarop we ze hebben opgenomen: live in de studio. Deneckere: Twee jaar geleden had ik een andere klaar, maar die heb ik weggegooid. Ik heb er even mee geleurd, maar ik hoorde ze niet graag meer. Ze was niet live, het was puzzelwerk met partijtjes. Ik wou terug naar de eenvoud van live opnemen; alleen dan krijg ik de sfeer die ik wil. Zes songs staan nu op Crescent of the Moon. Deneckere: Het is gewoon het resultaat van jarenlang luisteren naar bluegrass en alles wat er rondhangt. Stilaan verwerf je het vocabulaire en het accent. Dat accent past ook uitstekend bij mijn nasale stem ( lacht). Maar het is geen hoedje dat ik af en toe eens opzet. Roland heeft er een heel grote rol in gespeeld. Ik heb een jaar met hem kunnen spelen, en daar heb ik ontzettend veel uit geleerd. In de tijd van The Pink Flowers was ik een geweldige Beatles-fan. Het was allemaal meer rock-'n-roll: elektrische gitaren, versterkers op tien. We waren jonger, hè? Met de tijd werd het me allemaal te banaal. Het blijft natuurlijk geestig - rammen op je gitaar en af en toe eens I love you schreeuwen - maar zulke groepen vertellen niets. Toen hoorde ik Dylan en wist ik dat je je niet hoeft te verstoppen achter een muur van geluid. Met hem ontdekte ik muzikanten als Woody Guthrie, en de verteltraditie van de folk. Vandaar die kleine literaire verwijzingen. Niet om die namen te laten vallen, maar omdat die teksten bij me waren blijven hangen. Deneckere: Als je het zo kunt noemen; ik speel eigenlijk constant. In maart ga ik naar Amerika. LA, Austin, Nashville misschien. Ik ken er mensen, ik zie wel waar ik kan spelen. Ik moet hier even weg, denk ik. Country is bij ons een vreselijk woord geworden. Iedereen associeert het met line dancing, volwassen mensen die zich als cowboy verkleden en 'yeeha' roepen bij elk uptempo nummer. Terwijl ik gewoon een verhaal wil vertellen. l Bart Cornand