De grote schoonmaak

Terwijl Amerika bekomt van de aanslagen, wordt er in Hollywood paniekerig getelefoneerd. Iedereen is het erover eens: het publiek wil in de vrije tijd niet herinnerd worden aan 9/11. De WTC-torens worden dus netjes uit de generiek van Friends of Spin City gehaald en films die ruiken naar terrorisme gaan weer in de la. Arnold Schwarzeneggers Collateral Damage, over een brandweerman die zijn familie verliest in een terroristische aanslag, wordt uitgesteld, ook al is hij volledig klaar, en projecten als Nosebleed (waarin Jackie Chan het Vrijheidsbeeld wil opblazen) of Big Trouble (een komedie over een bom op een vliegtuig) sterven een stille dood. Ook tekenend: Dick Wolf, de legendarische tv-producer achter Law & Order kondigt óp elf september in vakblad Variety aan dat hij een vijfdelige miniserie wil maken over terrorisme, 'het enige onderwerp dat het waard is om vijf uur in beslag te nemen'. Als de rook gaan liggen is, heeft Wolf zijn plannen bijgesteld naar een serie 'over romantiek' - ook een boeiend onderwerp natuurlijk.

Mee op het oorlogspad

'Ik denk niet dat ik ooit nog in een actiefilm zal meespelen'. De grote woorden zijn goedkoop na 9/11. Bruce Willis kondigt het einde van zijn carrière als stoere held aan, sommige experts vertellen zelfs dat de thriller, de actiefilm én de oorlogsfilm in hun geheel ten dode zijn opgeschreven. Maar zo'n vaart loopt het niet, want Hollywood ziet al vlug weer brood in geweldfilms. Een paar weken na 9/11 vallen de Verenigde Staten Afghanistan binnen. De invasie loopt gesmeerd en de golf van patriottisme in Amerika groeit nog aan. Hollywood wil een graantje meepikken en brengt eind 2001, begin 2002 een resem gewelddadige thrillers, terreurfilms en oorlogsprenten in roulatie, zoals Behind Enemy Lines, Spy Game, Hart's War, Black Hawk Downén Collateral Damage. Vijf jaar later is het business as usual: ondertussen staan de opnames voor Die Hard 4 op stapel, mét Bruce Willis.

Help de brandweer

Geweld mocht weer, maar een rechtstreekse verwijzing naar 9/11 was nog grotendeels taboe. De gebeurtenissen hadden echter zo'n schaduw geworpen dat het onmogelijk was om ze te verzwijgen. Sommige tv-series kónden er niet omheen. The West Wing bijvoorbeeld zou niet meer geloofwaardig geweest zijn als ze in de week na de aanslagen geen (kleffe) special had uitgezonden en het terrorisme daarna geen belangrijk thema was geworden. Ook in series als Third Watch of Without A Trace, die zich in New York afspelen, werd 9/11 een onderdeel van de verhalen. Nog een stapje verder was Rescue Me, een reeks uit 2003 over een brandweerkazerne waar 9/11 flink heeft huisgehouden. Rescue Me schildert een hard en compromisloos beeld van New York na de aanslagen, maar wordt wel populair: ondertussen is de serie aan zijn derde seizoen toe. In de bioscoop komen ook een paar kleinere films over de nasleep van 9/11, zoals The Guys, waarin Sigourney Weaver een journaliste speelt die een brandweercommandant helpt bij het schrijven van een lofrede voor acht gestorven collega's, en The 25th Hour, waarin Spike Lee de sfeer van verdriet en moedeloosheid in New York probeert te vatten.

Bush als superheld

De eerste twee mainstreamproducties die 9/11 zelf expliciet in beeld brengen, zijn politiek getint. Enerzijds is er Fahrenheit 9/11, de aanklacht van Michael Moore tegen president Bush, die begint met de geluidloze beelden van de vliegtuigen die zich in het WTC boren. Anderzijds is er DC 9/11: Time of Crisis, een bizarre tv-film die in de VS werd uitgezonden op de tweede verjaardag van de aanslagen. Hij toont hoe het Witte Huis reageerde op de aanslagen, aan de hand van lookalikes die de gebeurtenissen naspelen. Karl Rove schreef mee aan het scenario en George Bush komt dan ook naar voren als een bijzonder krachtdadig leider, die meteen de ernst van de situatie inziet (de zeven minuten dat Bush passief voor zich uitstaart in het kleuterklasje in Florida, hebben de film niet gehaald). Village Voice vergeleek Time of Crisis met de heroïsche drama's die vroeger in Rusland over Stalin werden gemaakt, terwijl The Washington Post sprak van een 'belediging voor alle slachtoffers'.

De visie van Spielberg

Sommige bioscoopfilms gingen in op 9/11 en de gevolgen ervan, maar dan op een besmuikte manier. Er was bijvoorbeeld The Village van M. Night Shyamalan, een allegorische fabel over hoe angst in een maatschappij kan gebruikt en misbruikt worden door de machthebbers. De regisseur die het meest over de aanslagen te vertellen had, was echter Steven Spielberg, ook al verklaarde hij in een interview dat hij 'nooit de gebeurtenissen zou verfilmen'. Eigenlijk zijn zijn laatste drie films zelfs een soort trilogie over Amerika en de aanslagen. The Terminal (2004) was een ode op de VS, een soort balsem op de ziel van het land, terwijl Munich (2006) de vraag stelde hoe je op terrorisme moet reageren. Daartussen zat dan War of the Worlds, een film over een buitenaardse aanval op de wereld, die je heel gemakkelijk als een allegorie kunt zien voor 9/11 (al was de film volgens de scenarist ook een aanklacht tegen de Amerikaanse inval in Irak). Spielberg is ook de eerste die enkele iconische beelden van 9/11 in zijn werk stopt: in War of the Worlds worden overal posters uitgedeeld om vermisten terug te vinden, en de as van de doden daalt neer over de vluchtende massa.

De horror, de horror

Ook op televisie kwam 'Amerika na 9/11' via een omweg in beeld. Zoals in Battlestar Galactica, een remake van de klassieke sciencefictionserie uit de jaren 70. Het verhaal over fanatieke aliens die het gemunt hebben op de mensheid geeft de producers volop de kans om onderwerpen als terrorisme, oorlog en folteringen aan te snijden, en dat levert een reeks op die volgens Rolling Stone 'de meest levendige visie biedt op de wereld na 9/11 en een maatschappij in oorlog'. Nog een ander voorbeeld is Lost. Een groepje mensen dat na een vliegtuigcrash een nieuwe maatschappij moet stichten terwijl een bijna onzichtbare vijand ze belaagt, er moet geen tekeningetje bij gemaakt worden.

De nationale sfeer van angst in de Verenigde Staten sijpelt niet alleen door in Lost, maar zorgt er ook voor dat de horrorfilm weer succesvol wordt. Het griezelgenre heeft altijd al voor een uitlaatklep gezorgd voor spanningen (in de jaren dertig beleefde het genre bijvoorbeeld ook een bloei), en de laatste jaren is het aantal griezelfilms uit de VS niet meer te tellen. Van The Exorcism of Emily Rose over The Fog tot Hostel, zowat allemaal deden ze het uitzonderlijk goed aan de kassa's. En in een veilige bioscoop hield Amerika er ook van om de angst voor het vliegen onder ogen te zien, getuige het succes van films als Red Eye en Flight Plan.

EXTRA OP WWW.FOCUSKNACK.BE

Bedenkingen over het einde van de ironie en een geinig gasmaskertje: een sfeerbeeld van de New Yorkse culturele wereld, enkele weken na 9/11.

Door Stefaan Werbrouck