Boerensymfonie***
...

Boerensymfonie*** Art & Cinema*** Cinematek / dvd & blu-ray Door alle terechte en minder terechte hoeraberichten van de jongste jaren zal men het misschien nauwelijks geloven. Maar tot in de jaren tachtig stelde de Vlaamse film, voor zover dat begrip al bestond of bestaat, internationaal eigenlijk amper iets voor. Wie in het pionierstijdperk wel enige buitenlandse renommée genoot, was Oostendenaar Henri Storck (1907-1999). De cinefiele laarzenmakerszoon maakte experimentele kortfilms, sociaal bewogen documentaires en zelfs een fictielangspeler, en in 1933 draaide hij samen met de Nederlander Joris Ivens het grootste monument van de Belgische documentaire cinema: Misère au Borinage. Bovendien stond Stock, die zijn carrière begon als stadsfilmer of 'officiële cinegrafist' van Oostende, in 1938 mee aan de wieg van het Koninklijk Belgisch Filmarchief te Brussel, tegenwoordig omgedoopt tot Cinematek. Van deze Vlaamse - of beter 'Belgische' - filmreus brengt Cinematek nu twee dvd's annex blu-rays op de markt met daarop enkele van Storcks bekendste werken. De eerste is Boerensymfonie (1944), een groots cinematografisch fresco dat bestaat uit vier documentaires gewijd aan de seizoenen en een vijfde aan een boerenbruiloft. Daarvoor trok Storck naar verschillende boerderijen in Brabant, waar hij de boeren zichzelf liet spelen en hun dagelijkse rituelen met zijn camera vastlegde. En dat voortgestuwd door de bucolische soundtrack van componist Pierre Moulaert en een voor die tijd typische, licht hoogdravende commentaarstem. Dat Storck zowel door de etnografische documentaires van Robert Flaherty (Nanook of the North, 1922) als de revolutionaire hymnes van Sergej Eisenstein (Pantserkruiser Potjomkin, 1925) beïnvloed was, is aan Boerensymfonie te merken. Ook bijna zeventig jaar na dato leest de film - een van de weinige niet-propagandafilms die tijdens de bezetting in België werden gedraaid - als een onverholen plattelandshommage, een document met de ambitie een stiel, een cultuur en een landschap in zijn meest esthetische verschijningsvorm vast te leggen voor het nageslacht. 'Ik wil een actieve getuige zijn van mijn eeuw', schreef Storck in zijn manifest. 'Ik zal de mensen via de cinema tonen hoe de wereld draait, hoe ze leven, hoe ze zich organiseren.' Wat Storck, die opgroeide in een kunstminnend milieu en contact had met Spilliaert, Ensor en Permeke, duidelijk ook wilde tonen, was zijn liefde voor kunst, meteen het onderwerp van de tweede Cinematek-titel, Art & Cinema. Daarop vind je twee documentaires over gouwgenoot en surrealistisch schilder Paul Delvaux: Storcks allereerste kunstfilm De wereld van Paul Delvaux (1946) én de kleurenfilm Paul Delvaux of de vervreemding (1970). Verder vind je een didactische documentaire uit 1948 over Rubens, waarin Storck met innoverende travelings, pauzes en splitscreens de doeken van de Antwerpse barokmeester aftast, plus een over romancier en theaterpedagoog Herman Teirlinck. 'De woorden documentaire en fictie zijn willekeurige benamingen', zei Storck ooit. 'Er zijn tussen die twee geen scherpe grenzen. Het echte leven zit vol met dingen die we in de filmkunst fictie noemen; dat wil zeggen enscenering met personages die een rol spelen, met vlotte dialogen, een decor, een handeling, een ritueel. Alles wat zich afspeelt in een rechtbank, een ziekenhuis, een klooster, een kantoor of een winkel bijvoorbeeld.' Een scherp observator van zijn tijd, zijn boeren, zijn kunstenaars en het leven zoals het is, die Henri Storck. Nu te herontdekken dankzij Cinematek. DAVE MESTDACH DAVE MESTDACH