HET TONEELHUIS
...

HET TONEELHUIS tot 25 september in de Bourla Schouwburg, Antwerpen. Reisvoorstellingen tot 12 oktober. info en speellijst: www.toneelhuis.be De rise and fall van de Romeinse kindkeizer Heliogabalus (205-222) was een schande van zo'n legendarisch formaat dat zijn naam eeuwen later nog een hele generatie zelfverklaarde decadenten doet likkebaarden van verdorven plezier. Het korte maar extravagante leven van de losgeslagen puber bulkt van de sappige anekdotes en saillante details - zo had Heliogabalus naar verluidt zijn halve keizerrijk veil voor de persoon die hem een ander geslacht kon geven. Jammer genoeg is een boeiend onderwerp nog geen garantie voor een boeiende theaterbewerking. De tekst van de gevierde Berlijnse auteur Thomas Jonigk kreunt onder een fragmentarische oppervlakkigheid. Jonigk toont Heliogabalus door de ogen van zijn naasten: Julia Maesa (machtswellustige grootmoeder), Julia Soaemis (moeder), Zoticus (wagenmenner en minnaar), een generaal en Claudius (senator). Iedereen manipuleert de jonge keizer: hij is net zoals de historische figuur een onbeschreven blad dat zijn entourage naar believen invult. Hoe en waarom ze dat doet, komen we niet te weten. De personages blijven eenduidig en stereotiep. Nergens krijgen we inzicht in psychologie of motivaties, en tot overmaat van ramp heeft de tekst nagenoeg geen dramatische structuur. Het blijft bij een opeenstapeling van karakteriseringen uit de mond van één of meerdere personages, losjes opgehangen aan de levensloop van het keizertje. Heliogabal, in een regie van Josse De Pauw, is weinig beklijvend, en als kritiek op een dolgedraaide 21e-eeuwse sterrencultus is het stuk een schampschot. Veel, zo niet alles, wordt rechtgetrokken door Peter Vermeersch' eclectische compositie - het échte hoofdpersonage van deze voorstelling. Vermeersch schreef de partituur in opdracht van Gerard Mortier voor de RuhrTriennale 2003. In deze teruggeschroefde, wat intiemere versie van Heliogabal wint ze aan directheid en komt ze nog beter tot haar recht. Het zeventienkoppige Flat Earth Society briest, brult en zweet zich twee uur lang vlekkeloos door een kruisbestuiving van big band en opera, die als een wervelwind door de zaal raast. Alle lof ook voor de acteurs/zangers, die met een minimum aan mise-en-scène de sterren uit de hemel zingen. De muziek kan het zwakke tekstmateriaal niet helemaal doen vergeten, en als theatervoorstelling gooit dit stuk weinig hoge ogen. Maar bekijk het als een concert, en Heliogabal wordt een fraaie opener van het nieuwe Toneelhuisseizoen. Wim Smets