Sinds haar man in de gevangenis zit - om redenen die kennelijk zo duister zijn dat ze geeneens worden uitgesproken -, klampt Hannah zich vast aan haar huiselijke bezigheden, terwijl ze zwalpt tussen ontkenning en aanvaarding. Bloemen schikk...

Sinds haar man in de gevangenis zit - om redenen die kennelijk zo duister zijn dat ze geeneens worden uitgesproken -, klampt Hannah zich vast aan haar huiselijke bezigheden, terwijl ze zwalpt tussen ontkenning en aanvaarding. Bloemen schikken, de vaat doen en eten klaarmaken worden manieren om haar demonen te bekampen en haar zelfrespect te behouden. Het zijn kleine gestes die subtiel worden uitgebeeld door een grootse Charlotte Rampling. Dat Hannah herinneringen oproept aan Chantal Akermans Jeanne Dielman, heeft overigens niet alleen te maken met de stoet van huiselijke rituelen of de minimalistische vertelstijl - het shottempo ligt laag, en er wordt meer gezucht en gestaard dan gesproken. Ook deze film speelt zich grotendeels af binnen de muren van een Brussels appartement, waardoor een geur van existentiële angst in keuken, slaapkamer en living hangt. Alleen klopt Andrea Pallaoro's langspeler al af na 95 minuten ( Jeanne Dielman duurde er 225!) en wordt het nooit zo hypnotiserend als in Akermans slow-cinemaklassieker. Niettemin: een ontroerend stilleven van een bloem die vecht tegen het verwelken.