PEDRO ALMODóVAR
...

PEDRO ALMODóVAR SP 2001, MET JAVIER CAMARA, DARIO GRANDINETTI, ROSARIO FLORES, LEONOR WATLING, GERALDINE CHAPLIN. MAANDAG 31 MEI 20.45 û LA DEUX (O.V. MET FR. OND.) 'Het brein van een vrouw is een mysterie', zegt de verpleger Benigno, die een meer dan gewone obsessie koestert voor de comateuze Alicia. Terwijl hij haar handen verzorgt, vertelt hij haar alles wat hij heeft gezien en beleefd. Stiekem hoop hij dat zijn devotie haar doet herrijzen. Hij moedigt de eenzame Argentijnse reporter Javier aan hetzelfde te doen. Die kende met de stierenvechtster Lydia een korte liefde, vooraleer een ongeluk ook haar tot coma en hem tot stilte doemt. Liefde en noodlot brengen de twee mannen samen, noodlottige liefde zal hen uiteindelijk weer scheiden. De plot van Almodóvars pomo-melodrama lijkt opnieuw uit een soap over seksuele deviatie gelicht. Vergeleken met Todo sobre mi Madre is de toon echter beduidend triester. Het Latijnse treurdicht danst daarbij op donkere melodieën van huiscomponist Alberto Iglesias. Terwijl Todo sobre mi Madre het nog had over vrouwen en acteren als levenskunst, staan in Almodóvars nieuwe fotoroman mannen centraal, met hun zucht naar ideale liefde en hun vermogen of onvermogen tot praten. De film is een reflectie over menselijke communicatie en de kracht van woorden, maar tevens een hypergestileerde oefening in the imitation of life. Todo eindigde met opgetrokken toneeldoek en een verduisterde scène, Hable begint met hetzelfde doek dat opgaat. Zonder de traanblije camp van vorige werken wint het melodrama weliswaar aan dramatische impact, maar gaat echter ook lijden aan serieuze 'artistiekerigheid.' Twee voorstellingen van dansgodin Pina Bausch die het verhaal inlijsten, het is al te pronkziek. Anderzijds biedt Benigno's hervertellen van een fictieve, stille film - De krimpende minnaar - één van de leukste zeven minuten uit de recente Spaanse cinema. Almodóvars regie is naar gewoonte foutloos, mede door een meer dan innemende, nieuwe acteursfamilie: Camara, Flores, Grandinetti, Watling. De laatste, ster uit Bigas Luna's Son De Mar, spreekt amper, maar haar dauwfrisse verschijning contrasteert met de monumentale Geraldine Chaplin, wier optreden tot niet meer dan een hommage beperkt blijft. Jo Smets