Meestal klinkt 'Ken ik jou ergens van?' als een weinig efficiënte openingszin, maar als ze van Evangeline Lilly komt, levert het je jaloerse blikken op van elke man in het gezelschap. Doe daar nog een hartelijke zoen van de Lost-publiekslieveling bovenop en ze staan haast te drummen om liefkozend over die uitverkoren wang te strijken. De reeks is wereldwijd zo'n fenomeen geworden dat de leden van de cast overal als helden worden vereerd. Worstelend met horden uitzinnige fans en opdringerige collega's kregen we toch nog dit zinnige gesprek uit de immer charmante Evangeline.

Nog niet zo lang geleden was je een studente internationale betrekkingen die zich inzette voor mensenrechten en wat bijverdiende als model en met bijrolletjes als lijk. Nu ben je een grote ster. Is dit het leven waar je altijd van hebt gedroomd?

Evangeline Lilly: Het was zeker niet mijn droom een ster te worden. Ik hou niet echt van de roem en de aandacht, maar natuurlijk kan ik nu wel veel meer mensen helpen. Mijn naam opent deuren en ik sta er financieel ook beter voor. Maar ik was heel gelukkig met mijn leven aan de universiteit. Zonder Lost zou ik er waarschijnlijk nog zitten, met pindakaas als avondeten en thee als ontbijt.

Door problemen met je visum scheelde het niet veel of 'Lost' was zonder jou begonnen. Heb je daar van wakker gelegen?

Lilly: Eigenlijk niet: als ik geen visum had gekregen, dan was dat zo voorbestemd. Ik twijfelde nog of ik wel wou meespelen in de serie en deel wou uitmaken van deze industrie, en ik heb dan maar besloten dat ik het visum voor mij zou laten beslissen. Best wel beangstigend: ik legde mijn lot in de handen van de Amerikaanse regering. (lacht)

Was je dan niet enthousiast over de scripts?

Lilly: Toen ik auditie deed, was er niet eens een script. Ik wist van Kate enkel dat ze na een vliegtuigcrash op een tropisch eiland zat samen met een of ander vreemd wezen. Dat klonk vreselijk goedkoop; ik vreesde dat het een rotslecht programma zou worden. Maar toen ik J.J. Abrams ontmoette en het script eindelijk te zien kreeg, was ik wild enthousiast. Ze deden er ook zo geheimzinnig over: het leek wel alsof ze mij de Ark des Verbonds overhandigden. Ik mocht het gebouw niet verlaten en moest plechtig beloven er niets over te vertellen. Maar ik vond het schitterend, ik kon het niet neerleggen. Al was ik wel bang dat het te moeilijk zou zijn om een groot publiek aan te trekken.

Wat vond je er dan te moeilijk aan?

Lilly:Lost is niet in een hokje te plaatsen: het is geen sitcom of een soap of een detectiveserie, het is van alles een beetje. Bovendien durven de scenaristen thema's te behandelen waar de mensen in Amerika bang voor geworden zijn, zoals ras, geloof, goed en kwaad, seksisme... Maar blijkbaar slikken de kijkers het.

Kate is tijdens het tweede seizoen gevoeliger en toegankelijker geworden. Kun je daarmee leven?

Lilly: Ergens vond ik het leuk dat mensen me altijd vroegen wanneer Kate eindelijk eens zou lachen. (lacht) Ik hield er wel van dat ze zo sterk en onafhankelijk was. Maar tegelijkertijd is het een mooie verandering, én een noodzakelijke. Als Kate zo stuurs was gebleven, dan zouden de kijkers hun interesse verloren zijn. Volgens mij strookt het ook met de werkelijkheid dat ze zich op het eiland meer en meer openstelt. Al hoop ik dat ze het volgende seizoen opnieuw verandert. Het eiland vergt zoveel van je dat het logisch is dat je voortdurend evolueert.

Zit er veel van jou in Kate?

Lilly: Ik denk het wel. Onze scenaristen lijken het er soms toch om te doen. Door te kijken met wie ik graag optrek, hoe ik met anderen omga of me gedraag kunnen ze veel van mij in Kate verwerken. 75 procent van de tijd op de set ben ik gewoon mezelf, die andere 25 procent leef ik me in in Kate. Dan denk ik na over wat je allemaal kunt uitsteken op een mysterieus eiland.

Wat dan?

Lilly: Ik ben een realist. Ik denk dat mensen zich veel barbaarser zouden gedragen dan we tot nu toe gezien hebben. De mannen hebben elkaar al gefolterd, maar nog geen een van hen heeft zich aan een vrouw vergrepen. Wat als Kate wordt verkracht? Hoe zou ze daarop reageren, met haar voorgeschiedenis? Daarvan kan ik 's nachts uren wakker liggen.

Vertel je dat dan ook aan de scenaristen?

Lilly: Ik praat zelf niet vaak met de schrijvers. Ieder zijn job, ik zou het ook niet waarderen als ze mij kwamen vertellen hoe te spelen.

We hebben gehoord dat je nogal op je strepen staat wat bikiniscènes betreft.

Lilly: Ik ben nu eenmaal erg koppig. (lacht) Dat zit in de familie, de vrouwen zwaaiden de plak bij ons thuis. Het was soms hard tegen hard op de set; ik heb ook geweigerd bepaalde scènes te spelen. Maar ondertussen weten de scenaristen dat ze door een hel moeten als ze scènes verzinnen waarin ik uit de kleren moet. Ze hebben hun lesje geleerd: voor mij worden gewoon geen naaktscènes meer geschreven.

Jullie zitten met een groep bloedmooie mensen afgezonderd op een tropisch eiland. Verwachten de 'Lost'-kijkers dan niet wat meer seks?

Lilly: Ik denk dat onze trouwe fans daar niet echt op uit zijn. Voor de opnames heb ik het er uitgebreid over gehad met Matthew (Fox, dokter Jack Shephard; nvdr. ) en wij waren het erover eens: seks is het laatste waar je na een vliegtuigcrash aan zou denken. Je bent zo druk bezig met eten verzamelen, water halen en beschutting zoeken dat je niet eens merkt dat er een knappe vent naast je zit. Je bent gewoon doodsbang dat je de ochtend niet haalt. Máár... (lacht) Ondertussen beginnen we ons daar thuis te voelen en dan is het vrij normaal dat mensen zin krijgen in seks. Ze verlangen stilaan naar wat actie. En toch blijf ik het beter vinden om het te

impliceren dan het te tonen.

Dus je zal het ook niet doen tijdens seizoen drie?

Lilly: Of ik 'hét' zal doen? (giert het uit) Ik vrees dat ik niet nóg een seizoen gespaard zal blijven van een 'romantische scène'.

Tot slot toch nog de obligate vraag: wat is er volgens jou nu echt aan de hand op dat eiland?

Lilly: Volgens mij maken we deel uit van een gigantisch experiment. Ik weet niet of het een of andere rijkaard, een samenzwering van de overheid of een duistere organisatie is, maar we worden voortdurend door andere mensen in de gaten gehouden. Al denk ik wel dat we hier op een bovennatuurlijke manier terechtgekomen zijn, dat moet gewoon. De manier waarop bijvoorbeeld al onze achtergrondverhalen vervlochten zijn... Geen mens kan dat toch verzinnen?

Door Barbara De Coninck