Met Honderd jaar eenzaamheid schreef de Colombiaan Gabriel García Márquez in 1967 een blauwdruk van het Latijns-Amerikaanse magisch-realisme. In een associatieve stijl brengt hij het geslacht Buendía tot leven. Over vijf generaties van José Arcadio's en Aureliano's vertelt García Márquez de 100-jarige geschiedenis van het fictieve stadje Macondo, van opkomst tot Bijbelse ondergang. Daarin staan de eenzaamheid van het geslacht en de herhaling van hun familiegeschiedenis centraal. En aangezien de familieaangelegenheden ook voor de famili...

Met Honderd jaar eenzaamheid schreef de Colombiaan Gabriel García Márquez in 1967 een blauwdruk van het Latijns-Amerikaanse magisch-realisme. In een associatieve stijl brengt hij het geslacht Buendía tot leven. Over vijf generaties van José Arcadio's en Aureliano's vertelt García Márquez de 100-jarige geschiedenis van het fictieve stadje Macondo, van opkomst tot Bijbelse ondergang. Daarin staan de eenzaamheid van het geslacht en de herhaling van hun familiegeschiedenis centraal. En aangezien de familieaangelegenheden ook voor de familieleden niet echt duidelijk zijn, zijn die ook voor de lezer een soms verwarrende mengeling van werkelijkheid en fantasie. Tot we met de laatste Aureliano het licht zien en beseffen hoe de meester kan toveren. Dat toveren bezorgde García Márquez in 1982 de Nobelprijs voor literatuur, een jaar na het verschijnen van Kroniek van een aangekondigde dood (1981). Het zegt veel over het gewicht van zijn oeuvre, dat hij die prijs al won nog voor hij dat andere meesterwerk, Liefde in tijden van cholera (1985) had voltooid . Daarin staat opnieuw de eenzaamheid centraal: eenzaamheid door de liefde. Florentino Ariza wacht 50 jaar en 622 surrogaatliefdes om alsnog zijn liefde voor Fermina Daza vervuld te zien. Het zou het recept voor een karamelroman kunnen zijn, maar dat is het in de handen van García Márquez uiteraard niet: hij dikt tragikomische situaties aan en doorspekt zijn beeldrijke vertelling met fijnzinnige historische verwijzingen. Toen in 1999 kanker bij hem werd vastgesteld, was dat het duwtje in de rug om aan zijn ambitieuze driedelige memoires te beginnen. Het eerste deel, Leven om te vertellen was er in 2002. Alsof de tijd voor een tachtiger niet dringt, schreef García Márquez in afwachting van de volgende delen een nieuwe roman. Herinnering aan mijn droeve hoeren (2004) is de zwanenzang van een 90-jarige hoerenhabitué, waaruit nog eens zijn fascinatie blijkt voor oude, eenzame mannen met (heel) jonge vrouwen. De eenzaamheid spookt niet alleen door het fictiewerk van García Márquez. Tijdens de uitreiking van zijn Nobelprijs speechte hij onder de titel La soledad de America latina, een politiek getinte, kritische ode aan zijn thuiscontinent. Zijn politiek engagement dateert al van toen hij, amper twintig, als journalist werkte. Een carrière lang al wisselt hij romans af met non-fictie. Daarnaast heeft García Márquez ook filmkritieken en scenario's op zijn naam staan. Zijn beeldrijke vertellingen lenen zich trouwens perfect voor een verfilming. De bekendste tot nog toe is Cronaca di una morte annunciata (1987) van Francesco Rosi. Benieuwd of de verfilming van Love in the Time of Cholera op evenveel bijval zal kunnen rekenen. 'Love in the Time of Cholera' Vanaf deze week in de bioscoop. Zie ook pagina 79.Jeroen Bert