Alle films: ****

Geen extra's

(Lime-Lights Pictures)

De vier titels zijn ook afzonderlijk te koop.

Films. Vier films uit verschillende periodes in het vroegtijdig afgebroken leven van François Truffaut - die in 1984 op 52-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van een hersentumor - onderstrepen nog eens zijn talent om de vreugde en de roes, maar vooral ook de pijn en teleurstellingen van de liefde fijnzinnig te ontleden.

Deze vierdelige box bevat zijn twee verfilmingen naar Henri-Pierre Roché, Jules et Jim (1962) en Les deux Anglaises et le continent (1971) . Truffaut was 29 toen hij de eerste film draaide en 38 toen hij deze nu vergeten Franse schrijver voor de tweede maal adapteerde. Het sentimentele parcours dat hij intussen zelf aflegde, wordt gereflecteerd in de tegengestelde teneur van deze twee kostuumfilms over een driehoeksverhouding.

Jules et Jim, dat zich afspeelt tijdens de eerste dertig jaar van de vorige eeuw, is opgevat als een lumineuze ode aan een ménage à trois tussen twee vrienden (Oskar Werner, Henri Serre) en de grillige Catherine (Jeanne Moreau), die zich door niemand aan banden laat leggen. Ondanks de fatale afloop is de film vrijgevochten, lyrisch en levenslustig van toon. Les deux Anglaises, waarin een jonge Fransman (Jean-Pierre Léaud) uit de belle époque maar niet kan kiezen tussen twee Engelse zussen, doet daarentegen donker, zwaarmoedig en morbide aan. Truffaut maakt er werk van om de pijn van de liefde zo fysiek en rauw mogelijk te tonen.

De box bevat verder een van de meest geobsedeerde films van deze regisseur, het overspeldrama La peau douce (1964) . Zelf was Truffaut niet gelovig, maar hij filmde liefde wel als een ceremonie die soms iets weg heeft van een eredienst. De verhevenheid van de hartstocht tussen een gezet burgermannetje (Jean Desailly) en de airhostess (Françoise Dorleac) die hij tijdens een van zijn literaire conferences ontmoet, laat Truffaut contrasteren met een volstrekt onsentimentele kijk op de onmogelijkheid van hun relatie. La peau douce werd een van de grootste flops uit Truffauts carrière.

De vierde titel in deze collectie, het met prijzen overladen Le dernier métro (1980), werd dan weer zijn grootste hit, mede door de samenwerking van de twee grootste Franse sterren van het moment: Catherine Deneuve en Gérard Depardieu. Anders dan de meeste Franse films die de tijd van de bezetting oproepen, is Le dernier métro geen retrospektakel, maar een lofzang aan de liefde voor het theater. Het leven als schouwtoneel wordt erin gehuldigd in een dubbele hommage aan Jean Renoir en Sacha Guitry, twee door Truffaut bewonderde meesters in rollenspel en het zaaien van verwarring tussen wat zich afspeelt op de planken en in het echte leven.

Extra's. Het gaat helaas om kale edities; het rijkelijke bonusmateriaal uit de oorspronkelijke Franse MK2-uitgaven werd om technische redenen niet overgenomen.

Patrick Duynslaegher