Feiten, uitspraken, overpeinzingen en avonturen van Bardín de surrealist ****

MAX

OOG&BLIK, 81 BLZ., euro19,95

Als destijds onvoldoende ontwikkeld medium heeft de strip het surrealisme gemist. De Spaanse tekenaar Francesc Capdevila Gisbert alias Max (50) probeert daar tachtig jaar later nog iets aan te doen. Eerder verwierf hij internationale faam als onder meer samensteller van de avant-gardistische bloemlezing Nosotros somos los muertos, waarin het artistieke kruim van de hedendaagse strip verschijnt. Bardín de surrealist is het eerste boek van zijn hand dat in het Nederlands verschijnt. Uit zijn vorige (ruim vertaalde) boek El prolongado sueño del señor T. bleek al zijn fascinatie voor vreemde dromen - een van de belangrijkste inspiratiebronnen voor de surrealisten. In Bardín drijft hij zijn geestesverwantschap met zijn landgenoten Dalí en Buñuel zo ver door dat je van een surrealistisch stripmanifest kunt spreken. Max verpakt het echter allemaal heel lichtvoetig, zodat een lezer die niets van het surrealisme weet, er toch nog een amusant en fascinerend boek aan overhoudt.

Het openingsverhaal gaat al de dialoog met de iconografie van het Spaanse surrealisme aan. In een Dalí-decor vol surreële motieven ontmoet Bardín de chien andalou, de hond die in de legendarische gelijknamige film van Buñuel en Dalí ontbrak. De scène uit de film waarbij een oog wordt versneden is present in een ander verhaal en de alomtegenwoordige ogen, paarden en slakkenhuizen mogen ook als hommage aan de beroemde voorgangers worden gezien. Het verhaal Liefde voor het vak blijkt een nauwelijks gecamoufleerd surrealistisch manifest in dialoogvorm, waarin Bardín tegen een vriend de lof van het stripauteurschap zingt. Max wisselt deze verhalen af met korte grapjes en dialogen tussen Bardín en een psychedelische projectie van een goddelijke aanwezigheid, die boeddhisme en Mickey Mouse moeiteloos incorporeert. Niet alle verhalen zijn even geslaagd, maar Max laat met zijn stijlvolle klare lijn met invloeden van Chris Ware en Joost Swarte duidelijk zien waarom zelfs The New Yorker bij hem illustraties bestelt.

Gert Meesters