LA SUCRIÈRE
...

LA SUCRIÈRE LES DOCKS, QUAI RAMBAUD 47-49 EN ANDERE LOCATIES IN LYON, TOT 31 DECEMBER. WWW.BIENNALE-DE-LYON.ORG De verwachtingen continu hoog houden maar ze nooit echt inlossen: ook dat is een manier om kunstgangers door een stad te jagen. De Biënnale van Lyon lokt je met fonkelende beloften naar vijf locaties. Je botst continu op zwaar geschut van helden uit de hedendaagse scene, maar aan het eind van de rit kom je tot de vaststelling dat blijkbaar niemand zich geroepen voelde om een nieuw record te vestigen. Nochtans is Experiencing Duration allesbehalve saai of hol. Door de koppeling van twee generaties kunstenaars - zestigers en dertigers - ontstaat diepte en bovendien zijn heel wat installaties relevant voor de kunst van vandaag. Vergeleken bij de talloze biënnales die onlangs van start gingen, kan Lyon uitpakken met een royale lading talent. Maar wie het voor de revelaties doet, kan het vanwege een aanhoudend déjà-vu-gevoel beter elders zoeken. De Franse curatoren Jérôme Sans en Nicolas Bourriaud namen continuïteit en de tegencultuur van de hippies als uitgangspunt. In de praktijk werd dat een psychedelische mix van conceptuele kunst uit de sixties, installaties van kunstenaars die op dit moment van tel zijn en een flower-power-input die je er vooral zelf bij moet denken. Met uitzondering van Sleep (Andy Warhol) en de uitgesponnen glimlach van John Lennon ( Smile, Yoko Ono) vind je weinig video's. Er hangen wél opvallend veel lijstjes aan de muur (Martin Creed, Bruno Peinado, Robert Crumb) en er zijn nogal wat installaties met klank-, licht- en benevelende effecten. Zo baadt La Sucrière in een soort smog die ontsnapte uit de groene mistinstallatie van Ann Veronica Janssens, en kun je er terecht in een paarsige zaal met wierookgeur en een elektronisch zen-geronk (La Monte Young & Marian Zazeela), en in een spiegelpaleis met telkens weer nieuwe spiegeldeuren (Terry Riley). Publiekstrekker is de met roze ballonnen gevulde ruimte van Martin Creed, de sterkst op het gevoel spelende bijdrage komt van Kader Attia, die kindertjes uit vogelzaad maakte en ze opsloot in een kooi met hongerige duiven. In het Institut d'Art Contemporain is Paul Chan present met een trashy animatie over de verloedering van de natuur en de mens. Chans film lijkt aanvankelijk veelbelovend, maar door de weinig steekhoudende lijn sukkelt de potentiële hit een paar banken achteruit. Kendell Geers zet omzwachtelde, religieuze beelden naast pornomodellen die hij met zwarte inkt op de muur schilderde. Zijn met condooms versierde Nobility of the female sex-installatie blijft scherp afgesteld, maar doet het niet opvallend beter dan de voorloper op Dionysiac in Centre Pompidou. In Le Rectangle - een burgerlijk optrekje in het centrum van Lyon - is Wim Delvoye te gast met een gestoffeerde solo-tentoonstelling. Naast een reeks getatoeeerde varkenshuiden en een filminstallatie over de nieuwe Chinese Art Farm tref je een zaal die tot de nok gevuld is met ingelijste La Vache Qui Rit-etiketten. Inhoudelijk is de verzameling niet droog te leggen: de etiketten gaan over het kapen en recycleren van een merk, het opkrikken van iets banaals, het afromen van scheppingsdrang en lachen met de mecenas die zijn portefeuille bovenhaalt om papiertjes over kaas te kopen. Maar wie anders al niet warm loopt voor amateur-verzamelingen (sigarenbandjes, vlinders, kroonkurken) zal wellicht ook hier op een wonder moeten wachten. Els Fiers Els Fiers