FILMS: **** extra's: ****
...

FILMS: **** extra's: **** (Video/film Express) Films. Schaf ik me dan toch eindelijk een home cinema system aan, dan zeker niet om in stupide hedendaagse Hollywoodfilms de kogels in surround te horen fluiten. Wél om optimaal de grandeur te ervaren van de machtige kostuumfilms uit de laatste periode van de grote Anthony Mann (zie kaderstuk). El Cid en The Fall of the Roman Empire draaide Mann voor rekening van de producer Samuel Bronston, die in de jaren zestig in Madrid een mini-Hollywood deed verrijzen - huisspecialiteit: historische superproducties. El Cid (gedraaid in Super Technirama) en The Fall of the Roman Empire (Ultra Panavision 70) zijn glorieuze voorbeelden van breedbeeldspektakel. Mann weet zeker wat aan te vangen met het extreem langwerpige beeldkader, zowel in de massascènes waarin hij zijn gelijke niet kent (zie in The Fall de militaire stoet die opmarcheert naar het Romeinse Forum - toen het grootste decor ooit gebouwd) als in de intimistische taferelen die nooit door het schouwspel in de verdrukking komen. Persoonlijk drama en historische context, het is bij Mann diep met elkaar verweven. El Cid voert de mythische Spaanse patriot ten tonele die in de elfde eeuw de Moren verjaagt en in de zee drijft. Conform aan veel van Manns protagonisten is Rodrigo Diaz de Bivar (Charlton Heston) een neurotische held, heen en weer geslingerd tussen zijn ideaal om met vrouw (Sophia Loren) en kroost een vreedzaam bestaan te leiden en zijn onweerstaanbare drang naar martelaarschap, deels uit eerzucht, deels uit bekommernis om zijn nagedachtenis. Manns meest expliciete exploratie van heroïsme mondt uit in een grandioze finale. In handen van een mindere god was dit ridicuul geweest, hier is het subliem: vastgebonden op zijn strijdros leidt de dode Rodrigo zijn manschappen naar de overwinning op de Moren en rijdt hij onverstoorbaar langs de zonovergoten kustlijn (branding) de legende in. Charlton Heston heeft er niet alleen het vereiste heroïsch profiel voor, hij brengt ook de intens fysieke vertolking die bij de gefolterde rol hoort. Vergeleken met de hoogglanzende kostuumfilms vol kleurrijke tierelantijntjes waar Hollywood in de jaren vijftig zo tuk op was, zijn El Cid en The Fall of the Roman Empire donker en somber. In de laatste film brokkelt het Romeinse Rijk gestaag af en valt het ten prooi aan de barbaren. Mann dompelt ons onder in een wereld van deemstering en verval. Niet toevallig is de meest indringende scène de plechtige verbranding van het lijk van keizer Marcus Aurelius (Alec Guinness). Een ijskoude wind raast als een huilend koor door de rangen van de soldaten, het vuur van hun fakkels bijkans uitgedoofd door dwarrelende sneeuwvlokken. De episodische structuur verhindert dat dit Romeins epos dezelfde dramatische spankracht heeft als zijn Spaanse voorganger. Maar in de hiëratische rituelen en paleisintriges onder de keizerlijke erfgenamen (Stephen Boyd, Sophia Loren, Christopher Plummer, James Mason), voert Mann de verloren kunst van de mise-en-scène naar de hoogste toppen van de filmische retoriek. Extra's. Niks bonus en wat veel erger is: op de inlays staat niet eens de naam van Anthony Mann vermeld. De kwaliteit van de prints is wisselvallig: vooral op de dvd van El Cid heeft de originele Technicolor-fotografie van Robert Krasker van zijn pluimen verloren en baden veel scènes in een doffe groene schijn. Patrick Duynslaegher Patrick Duynslaegher