Eerste zin Toen de man wakker werd wist hij nog niet wie hij was.
...

Eerste zin Toen de man wakker werd wist hij nog niet wie hij was. Wanneer een inbreker in het huis dat hij aan het leegroven is opeens een man aantreft, schrikt hij zich een hoedje. Maar de man blijft er rustig bij. 'Kun je me geen glaasje water brengen?' vraagt hij, een verzoek waarop de inbreker, denkend dat dit toch niet meteen de juiste job is voor hem, enthousiast ingaat. De man zit daar al een tijd vast, zo blijkt, in zijn schrijverschap en zijn eenzaamheid, en de inbreker heeft hem bevrijd. 'Zullen we samen een hapje gaan eten?' stelt de inbreker voor en dus stappen ze op zijn scooter en rijden ze naar een pitabar, waar ze Id aantreffen, de pitabakker, die al net zo vastzit als de schrijver, maar dan achter de toonbank van zijn restaurant, waar hij met een soort scheerapparaat flinters vleeshomp van het spit raspt. In een tweede verhaallijn van deze volstrekt originele debuutroman volgen we actrice Floor, die na zeven seizoenen de hoofdrol spelen in een succesrijke soap het wel wat gehad heeft met haar personage. Er zit geen evolutie in, meent ze, de vrijheid en de creativiteit ontbreken en acteren is stilaan een sleur geworden. Ze trekt het zich zo aan dat ze er niet meer van kan slapen, een slaapcoach opzoekt en stilaan de grens kwijtraakt tussen realiteit en droom. En dat ondanks de slaapcoach, zou je bijna zeggen, aangezien hij Floors dromen misschien al te veel van hun magische aura wil ontdoen. Peter Buurman, redacteur van de satirische site De Speld en tekstschrijver voor het satirische tv-programma Zondag met Lubach, slaagt er met verve in deze twee verhaallijnen bij elkaar te brengen op de zaterdagnacht waarop het winteruur ingaat en de klok dus van drie naar twee wordt teruggedraaid, het gratis uur om zo te zeggen, of het uur van de waarheid. En die waarheid heeft veel met de vrijheid en creativiteit te maken die Floor zo mist in haar leven. Alleen wanneer we slapen en dromen kunnen we nog echt vrij zijn, geeft Buurman zijn lezers op vlotte, spitante en fantasierijke wijze mee. En dan nog, want we willen vandaag alles zozeer naar onze hand zetten, dat we ook die dromen hun vrijheid niet meer gunnen.