Eerste zin 'Wat toevallig, ik moest zojuist nog aan je denken.'
...

Eerste zin 'Wat toevallig, ik moest zojuist nog aan je denken.' Haar hele leven al is de vertelster uit Sarah Neutkens' debuutroman Een blote man beminnen op zoek naar vervulling. Ze is geboren als een mal: hol, met de hoop ooit gevuld te worden. Tot er een man op haar pad verschijnt en ze verliefd wordt, hartstochtelijk en lichamelijk verliefd. Ze wil zich helemaal geven en op haar beurt ook alles nemen. 'Ik lig op mijn rug en kan gelijk een ongeschoren ooi niet meer op mijn benen terechtkomen', lezen we. En dat allemaal door die blote man, de man die zo'n overweldigende invloed op haar heeft dat je je meteen afvraagt of dit wel goed zal aflopen. Sarah Neutkens is vooral bekend als componiste. Op haar 23e heeft ze al vijf cd's uit met hedendaagse klassieke muziek. Daarnaast acteert ze, is ze model en maakt ze beeldende kunst. Dat er ooit een boek zou komen, lag dus in de lijn der verwachtingen. Dat dit boek in het verlengde van het voorgaande werk zou liggen ook, want alles hangt samen in het universum van Neutkens. Zo spelen het Stabat Mater en het middeleeuwse getijdenboek dat de dag onderverdeelt in metten, lauden, priem, terts, sext, none, vespers en completen in Een blote man beminnen een prominente rol, net als in haar muziek. Een blote man beminnen gunt de lezer een blik in het diepste van Neutkens' gedachten. En die zijn best labyrintisch te noemen, al zit er wel degelijk orde in de waanzin. Je wordt overstelpt met beelden, voelt de hopeloosheid van de liefde en wordt samen met de vertelster een ander mens, iemand die beseft dat vrijheid soms zwaar om dragen is omdat ze gepaard gaat met vallen en opstaan. Een blote man beminnen gaat niet alleen over de liefde, maar ook over het leven zelf, geprangd tussen geboorte en dood. Toen haar vader 53 was, brak zijn kies middendoor, aldus de vertelster. Tot dan had hij altijd in de toekomst geloofd, maar die breuk deed hem inzien dat het heden belangrijker was. Dat is ook wat de vertelster overhoudt aan haar affaire: ze moet leven in het nu, ook al is dat lastig, want 'het is een kunst, een blote man beminnen'.