D.A. Pennebaker
...

D.A. Pennebaker 1966 D.A. Pennebaker & Bob Dylan 1972 Sam Peckinpah 1973 Bob Dylan 1978 Martin Scorsese 1978 Richard Marquand 1987 Curtis Hanson 2000 Larry Charles 2003 Todd Haynes, 2006-2007 Beroemde documentaire waarin Dylan gevolgd wordt tijdens een reeks akoestische concerten in Groot-Brittannië, in april en mei 1965. Niemand kan Pennebaker zijn zin voor timing ontzeggen, want enkele maanden na de tournee zou Dylan zijn folkverleden vaarwel zeggen: Don't Look Back - waar Martin Scorsese uitgebreid uit put - vat de muzikant op de drempel van de revolutie. Een vervolg op Don't Look Back, over Dylans Europese tournee in 1966. Op het podium omarmde Dylan de rock-'n-roll en bracht hij samen met The Hawks - later The Band - snoeiharde sets die door zijn folkfans op boegeroep werden onthaald. Achter de schermen raakte de zanger door drugsgebruik en slaaptekort de pedalen kwijt. Dylan verwerkte Pennebakers beelden zelf tot Eat The Document, maar opdrachtgever ABC zond de docu nooit uit wegens te experimenteel, en de film raakte in het bootlegcircuit. Scorsese heeft ook hier beeldmateriaal uit overgenomen. Peckinpahs laatste western is tevens de eerste bioscoopfilm waar Bob Dylan in meespeelde. Dylan is de enigmatische Alias, een bajesklant die samen met Billy The Kid uit de gevangenis ontsnapt en daarna door een posse opgejaagd wordt. Dylan schreef ook de soundtrack, met onder meer Knockin' On Heaven's Door. Concertfilm over de Rolling Thunder Revue, een rondreizende show waarmee Dylan samen met onder meer Joan Baez en Allen Ginsberg halverwege de jaren zeventig door Amerika trok. Tussen de performances houden Dylan, zijn vrouw Sara, Baez, Ginsberg en andere iconen van de tegencultuur lange en ge- improviseerde filosofische sketches. De film, die in totaal een kleine vier uur duurt, werd op algemeen hoongelach onthaald. The Band - Dylans jarenlange begeleidingsgroep - was de gastheer in deze film over hun allerlaatste optreden, maar Bob Dylan steelt op het einde de show. Geregisseerd door Scorsese en algemeen beschouwd als de beste concertfilm aller tijden, het kan geen toeval zijn. Dylans tweede film, opgenomen in Groot-Brittannië. Dylan speelt een teruggetrokken rockster - geen extra punten voor originele casting dus - die een beginnend zangeresje onder zijn vleugels neemt. Hearts of Fire hield het nauwelijks een week vol in de Britse bioscopen. Dylan speelde niet mee in deze onderhoudende prent over een professor (Michael Douglas) met een midlife- crisis, maar hij schreef wel de titelsong: Things Have Changed. Het nummer leverde hem zijn eerste oscar op. John Goodman, Jessica Lange, Jeff Bridges, Christian Slater, Val Kilmer... de naam Bob Dylan kan een serieuze sterrencast bij elkaar brengen. Dylan schreef (onder het pseudoniem Sergei Petrov) zelf het scenario voor deze satirische komedie over de enigmatische rocklegende Jack Fate (Dylan, of wat dacht u?) die door een louche manager aangezocht wordt als headliner voor een liefdadigheidsconcert. Toen Masked and Anonymous op het Amerikaanse Sundance Festival vertoond werd, liep de zaal leeg, en de bekende criticus Roger Ebert noemde de film achteraf 'a vanity production beyond all reason'. Het magazine Blender peilde vorig jaar naar de slechtste muzikanten-acteurs en Dylan eindigde daar tweede na Madonna; Masked and Anonymous (dat trouwens volgende week uitkomt op dvd) zal serieus tot die uitslag hebben bijgedragen. Ook Bob Dylan ontsnapt niet aan de biopic-rage die door Hollywood raast, al zal de zanger allerminst de academische behandeling krijgen die bijvoorbeeld Ray Charles te beurt viel. Regisseur Todd Haynes, bekend van Far From Heaven, vindt Dylan immers te complex voor een conventionele biografische film, en daarom wil hij de man door zeven verschillende mensen laten spelen, waaronder een zwarte vrouw. Beyonce en Oprah Winfrey werden al genoemd. DOOR STEFAAN WERBROUCK