RYU MURAKAMI
...

RYU MURAKAMI ARBEIDERSPERS, 199 BLZ., euro 19 De twintigjarige Kenji leidt de Amerikaanse toerist Frank tegen betaling rond in de hoerenbuurten van Tokio. De jongeman is een expert in de seksuele ontspanningsmogelijkheden van de metropool, van 'love hotels' en lingeriecafés tot SM-clubs. Hij verdenkt Frank echter van twee recente moorden, en tussen de twee mannen ontwikkelt zich al snel een kat- en muisspel. Ryu Murakami heeft al meer dan 30 boeken op zijn naam, maar tot op heden werden daarvan maar een vijftal vertaald. Hij regisseerde zelf ook een aantal verfilmingen (onder meer Tokyo Decadence), maar toch was het Takashi Miike die zijn decadente beeld van het moderne Japan het meest bloedstollend in beeld bracht in Audition (1999). Miike, specialist van foltercinema, creëerde met Audition de enige film die ondergetekende zodanig gruwelijk vond dat hij bepaalde scènes enkel met opgetrokken knieën, toegestopte oren en dichtgeknepen ogen kon bekijken. Vreemd genoeg is de gruwelijke climax van In de misosoep niet het orgelpunt van het verhaal. Ook bevreemdend is dat de hoofdpersonages slechts schetsmatig zijn uitgewerkt, en dat Murakami nergens duidelijk maakt waarom Frank zo slecht is. Na de gruwelmoorden halverwege de roman ontstaat er zelfs een kalme verstandhouding tussen beide mannen, die in rustige dialogen hun verdere opties overlopen. Het is duidelijk dat Murakami beide hoofdpersonages als touwpoppen gebruikt en het hem vooral te doen is om een sociologische, filosofische en morele analyse van het decor: de Japanse seksindustrie en het nihilistische universum. De confrontatie tussen de twee mannen zorgt bij de lezer voor een dubbele cultuurshock. De verbazing over fenomenen als enjo kösai (schoolmeisjes die tegen betaling op een date gaan met oudere mannen) of lolicon (de Japanse fascinatie voor heel jonge meisjes), maar ook en nog meer de verbazende ontzetting van Kenji over zaken die in het Westen doodnormaal zijn. Murakami is een wereldburger en beseft maar al te goed dat hij voor een internationaal publiek schrijft. Hij jongleert vakkundig met de wederzijdse vooroordelen die er bestaan tussen het Oosten en het Westen, en weet de nuances van de geglobaliseerde culturele ruimte op een interessante manier te articuleren. Hans Comijn