Het heeft er even beroerd uitgezien voor Hot Chip. Hun vorige worp One Life Stand werd lauw ontvangen, en bovendien leek de Britse elektropopgroep te ontsporen in een stroom zijprojecten. Van een split was er echter nooit sprake, stelt frontman en songschrijver Joe Goddard ons gerust. 'Als je zo lang muziek maakt met vijf man, doet het gewoon eens deugd om je eigen ding te doen zonder dat iemand over je schouder mee kijkt. Op die manier zijn onze ego's ook voldoende gemasseerd op het moment dat we weer met z'n allen in de studio kruipen voor het grote werk.'
...

Het heeft er even beroerd uitgezien voor Hot Chip. Hun vorige worp One Life Stand werd lauw ontvangen, en bovendien leek de Britse elektropopgroep te ontsporen in een stroom zijprojecten. Van een split was er echter nooit sprake, stelt frontman en songschrijver Joe Goddard ons gerust. 'Als je zo lang muziek maakt met vijf man, doet het gewoon eens deugd om je eigen ding te doen zonder dat iemand over je schouder mee kijkt. Op die manier zijn onze ego's ook voldoende gemasseerd op het moment dat we weer met z'n allen in de studio kruipen voor het grote werk.' JOE GODDARD: Alexis (Taylor; nvdr.) en ik schrijven de songs, vooral door elkaar via e-mail flarden van ideeën, beats en lappen tekst te sturen. Als de demo's af zijn, trekken we de studio in met de rest en draagt elk groepslid bij aan de sound. We zijn echt de som van alle delen: we zijn heel verschillend, maar als we de koppen samen steken, klinkt het resultaat altijd als Hot Chip. GODDARD: Het moment waarop de pers niet langer je invloeden opsomt, maar je zelf een referentie geworden bent. Het betekent dat je een eigen identiteit hebt, en dat doet me als producer een groot plezier. Een van de grootste complimenten was toen een vriend van een vriend me vertelde dat hij en z'n bruid op de tonen van Laws Of Salvation(een B-kant van Boy From School; nvdr.) naar het altaar gewandeld zijn. Concurreren met Richard Wagner, wie had dat ooit gedacht! (lacht). GODDARD: Het is een beetje thuiskomen voor ons. We zijn altijd goed bevriend geweest met directeur John Dyer, en Alexis heeft er nog stage gelopen toen hij op de universiteit zat. Maar EMI bood ons de helft meer geld en via hen konden we samenwerken met James Murphy en Tim Goldsworthy van DFA Records, en touren met LCD Soundsystem. Dat was een pluspunt. GODDARD: Ja, dat heeft James goed bekeken, 'afscheid' nemen met een groot, knallend feest (glimlacht). Het grootste voordeel aan het einde van LCD is dat we nu Al (Doyle, drummer voor Hot Chip én tot voor kort LCD Soundsystem; nvdr.) helemaal terug voor onszelf hebben. Die smeerlappen hebben hem lang genoeg mogen lenen! GODDARD: Met moddercatch heeft het weinig te maken, vrees ik. 'Grieks-Romeins' roept bij mij vooral een sfeer van decadentie en losbandige feestjes op. We hebben al label nights georganiseerd met een dansvloer aan één kant en een worstelring aan de andere. Worstelen en clubben hebben meer gemeen dan je denkt: dicht op elkaar gepakte, halfnaakte lijven en zweet. GODDARD: Zeker, maar er is geen haast bij. Hot Chip is een serieuze job: hoe leuk al die zijprojecten ook zijn, het is niet de bedoeling dat ze uitgroeien tot een fulltime bezigheid. GODDARD: Dat was het ook. Het is onze ode aan de wonderjaren van de New Yorkse house. Het huwelijk tussen popmuziek en house was toen erg pril en de vele extended mixes van popsingles waren hoogstandjes op gebied van studiotechnieken. Tegelijk was dansmuziek nog onschuldig. Vandaag is veel dance donker en gezichtloos: te veel jonge, bleke kereltjes die in hun slaapkamer aan knopjes draaien en met keyboards spelen. Helemaal aan de andere kant van het spectrum heb je het hele David Guettagebeuren. Met Hot Chip zitten we er ergens tussenin. GODARD:Oh boy, maak daar nu alsjeblief niet je titel van! (lacht). IN OUR HEADS Uit bij V2. DOOR JONAS BOELJOE GODDARD: 'WORSTELEN EN DANSEN HEBBEN MEER GEMEEN DAN JE DENKT.'