Dag Ibe, wat was je aan het doen?
...

Dag Ibe, wat was je aan het doen? Ibe Rossel: Aan het lezen in een recente roman die me heel erg bevalt: Exces van Persis Bekkering, over de beginnende ravescene in het Amsterdam en Berlijn van eind jaren tachtig, begin negentig. Sta je jezelf dan toe om te wensen dat je op zo'n plaats of in zo'n tijd had geleefd? Rossel: Ja, ik ben wel een sucker voor boeken die zich in het Amsterdam van die periode afspelen, zoals Gimmick! van Joost Zwagerman of De wetten van Connie Palmen. Ik heb er vier jaar gestudeerd en zelf gezien hoe Amsterdam is gegentrificeerd, afgelikter werd. Ik romantiseer graag de tijd waarin het allemaal nog groezeliger was. Het is een cliché, maar aan de hand van een boekenkast kun je wel degelijk duizend levens tegelijkertijd leiden. In je boek Shakespeare kent me beter dan mijn lief betoog je dat stokoude werken van Charles Dickens of Jane Austen gevonden vreten kunnen zijn voor wie nu voor Thuis of Temptation Island neerploft. Rossel: In het middelbaar of aan de universiteit wordt filosofie meestal chronologisch gegeven, zonder poging om aansluiting te vinden bij de levens van de studenten. Maar wat leert literatuur of filosofie ons? Toch om goed te leven? Laat ze dan niet louter in een schoolse bubbel bestaan. Prijs gerust nog een boek aan, sommigen hebben misschien nog plaats over in hun valies. Rossel: Ik ben blij met de Nederlandse vertalingen van Vivian Gornick. Het einde van de liefdesroman, Een vrouw apart en de stad en Onvoltooid werk - aantekeningen van een chronische herlezer zijn allemaal essays slash memoires. Haar blik op de dingen zet mijn wereld soms op haar kop. Zo vindt ze dat er sinds het einde van de negentiende eeuw eigenlijk geen boeken meer over de liefde geschreven hadden kunnen worden. Natuurlijk denk je dat dat niet kan kloppen. Maar dan lees je al die essays en zeg je toch: wow, Vivian! (lacht)Wat was de eerste voorstelling die je na de lockdown heb gezien? Rossel: Triptych van danstheatergezelschap Peeping Tom. Ik ben heel erg van de woorden, maar vond het indrukwekkend hoeveel er gezegd kon worden zonder te spreken. Het was een wervelwind van oeremoties - ik had echt zin om zelf drie pirouettes te draaien. (lacht) Ik kijk ook uit naar Rigoletto van DeSchoneCompanie op Theater aan Zee. Ik ben een supergrote fan van wat regisseur Tom Goossens doet. Zijn bewerkingen van klassieke opera hebben een beetje dezelfde insteek als mijn boek: ogenschijnlijk onbereikbare werken toegankelijk maken. Klassiekers zijn er om omver te schoppen en opnieuw te boetseren. Misschien nog een laatste tip voor lange zomerdagen? Rossel: Ik kijk nooit naar Zomergasten op tv, maar luister wel graag naar de podcast. Dan krijg je een audiobeschrijving van de beeldfragmenten en hoor je natuurlijk de interviews. Ideaal, kun je ondertussen naar de Delhaize. (lacht)