Max Temmerman: Ik had nood aan een andere adem, een langere afstand. Als dichter heb je de luxe om een week lang te twijfelen tussen een punt en een komma. Maar na tien jaar was ik dat autisme wat beu en had ik zin om dóór te schrijven. Het geluid van mijn vingers op dat klavier, fantastisch! (lacht)
...

Max Temmerman: Ik had nood aan een andere adem, een langere afstand. Als dichter heb je de luxe om een week lang te twijfelen tussen een punt en een komma. Maar na tien jaar was ik dat autisme wat beu en had ik zin om dóór te schrijven. Het geluid van mijn vingers op dat klavier, fantastisch! (lacht)Kwamen je daarbij voorbeelden voor de geest?Temmerman: Het jaar daarvoor had ik van een goede vriend oude Simenon-pockets cadeau gekregen. Ik had nog nooit een letter van Georges Simenon gelezen, maar ik was verslaafd na de eerste alinea. Zó fijn, dat leesplezier van je jeugd terugvinden, warm worden van een goed verhaal dat niet autobiografisch hoeft te zijn of kwetsbaarheid voorop te stellen, zoals je dat tegenwoordig vaak ziet. De verteller weet bij Simenon vaak wel wat er zich afspeelt maar spreekt dat daarom nog niet uit. Zo wordt het heel psychologisch, want van de weeromstuit zoek je als lezer verklaringen in het decor: mist, wolken, kanalen, boten. Ik wilde met Coniferen dus een Simenon schrijven. Al blijkt uit de eerste reacties dat het toch ook een poëtische vertelling is geworden. Enkele weken geleden deelde singer-songwriter Matt Watts hier nog zijn tips uit, nu is hij er zelf één.Temmerman: Zijn plaat Queens is mijn quarantainesoundtrack. Perfect om in deze tijden in alle rust naar te luisteren. Qua teksten vind ik dit zijn beste werk tot op heden. Ik snap niet dat hij geen wereldster is in België. Die productie van Stef Kamil Carlens en Nicolas Rombouts is zo loepzuiver. En dan die lyrics: een deels indiaanse Amerikaan die via Antwerpen in Brussel verzeilt en nog steeds naar zichzelf op zoek is, echt schoon. Waarom draait Radio 1 hem dan zo weinig? In het kader van de afzondering heb ik ook The Irishman herbekeken. Opnieuw was ik hard onder de indruk. Wat een cadeau om al die grootheden nog eens verzameld te zien: Al Pacino én Robert De Niro én Joe Pesci in een ongelofelijke regie van Martin Scorsese. Die beeldvoering, die kleuren, dat aanzwellende tempo als een symfonie die openbarst... Prachtfilm. Je hebt naar verluidt wel iets met maffia-aangelegenheden.Temmerman: Absoluut. Ik heb de hele Sopranos zes of zeven keer gezien. Het idee van goed en fout, rechtschapenheid en moraliteit, keuzes maken: dat is het Shakespeare-terrein van vandaag. Ik heb trouwens nog een interessante tip. Je kent Mario Puzo, de schrijver van The Godfather? Hij heeft ook The Godfather Papers and Other Confessions geschreven, in het Nederlands De peetvaderdocumenten. Kom je vaak tegen in kringwinkels, waar niemand het boek meeneemt, in de veronderstelling dat het B- of C-literatuur betreft. Maar Puzo kan héél goed schrijven: over zijn ontluikende schrijverschap, de samenwerking met Francis Ford Coppola, en zijn jeugd in de jaren vijftig in de Bronx, omringd door de maffia. Een van de mooiste schrijversautobiografieën die ik ken.