1 Jenny Lewis & The Watson Twins - Rabbit Fur Coat

Het voormalige kindsterretje zal ten eeuwigen dage het kortgerokte zangeresje van Rilo Kiley blijven - zeg maar: de Kim Geybels van de americana - maar Jenny Lewis heeft nog twee andere troeven. En daar bedoelen we wel degelijk haar twee soloplaten mee. Correctie: vooral haar zwoele debuutplaat. Met Rabbit Fur Coat bracht ze weer de hoogstnodige 'cunt' in country.
...

Het voormalige kindsterretje zal ten eeuwigen dage het kortgerokte zangeresje van Rilo Kiley blijven - zeg maar: de Kim Geybels van de americana - maar Jenny Lewis heeft nog twee andere troeven. En daar bedoelen we wel degelijk haar twee soloplaten mee. Correctie: vooral haar zwoele debuutplaat. Met Rabbit Fur Coat bracht ze weer de hoogstnodige 'cunt' in country. Geef maar toe: het is de hoes van Lowedges - half Chris 'Ligt m'n haar goed?' Isaak, half Bryan 'Zit m'n litteken goed?' Adams - die de aanschaf van deze wereldplaat altijd in de weg gezeten heeft. Zonde! Lowedges is een warm deken waaronder het 's winters aangenaam wegdromen is: elf wollige composities van een bariton die net lang genoeg naar Scott Walker, Lee Hazlewood en The Big O heeft geluisterd. Tegenwoordig heten ze Future of the Left, maar wij vonden McLusky beter. McLusky Do Dallas is een ongegeneerde punkplaat waar eenieder die er één heeft zijn rock & roll heart zal aan ophalen. Hun songs - 't zijn eigenlijk meer kopstoten - verraden hoge dosissen Pixies en Shellac en luisteren naar welluidende titels als Lightsabre Cocksucking Blues, Fuck This Band en The World Loves Us And Is Our Bitch. Bob Dylan. The Band. The Byrds. Meer hebben wij niet nodig om vierklauwens richting platenboer te hollen. Toegegeven, The Felice Brothers schurken zich wel akelig dicht tegen The Band aan - ze komen dan ook uit de omgeving van Woodstock - maar ze weerleggen elke aantijging van dieverij met hun authentieke songs, subliem in al hun eenvoud. Radiohead, ondergewaardeerd? Welja, déze toch. In ongeveer alle overzichten van de noughties werden de grootste superlatieven en duurste adjectieven bovengehaald voor Kid A, in vele overzichtslijstjes - inclusief die van Knack Focus - eindigde het plaatje zelfs helemaal bovenaan. Maar over 'kleinere broertje' Amnesiac haast geen woord. Amnesiac is minstens even goed, folks, misschien zelfs beter. Nah! Dat wij ter redactie zelfs op de toiletten naar Animal Collective luisteren, hoeven we u allang niet meer te vertellen. Dat u ook dringend eens het soloproject van zanger Noah Lennox moet checken: daar hebben we u misschien nog te weinig op geattendeerd. Op Person Pitch trekt Lennox aka Panda Bear een blik psychedelische folk en industriële flowerpower open waar uw aanhangsels en ledematen alle kanten tegelijk van uitschieten. 'Misschien wel de enige hedendaagse metalband die zowel intelligent als honds-brutaal is': zo verwoordde collega (K.B.) de volstrekte uniciteit van Mastodon. In een verdrongen verleden heette het zelfs dat Blood Mountain bij hem 'nooit dezelfde opwinding had teweeggebracht als Master Of Puppets van Metallica, maar het scheelt niet veel.' Kun je nagaan. Akkoord, van Silver Jews hadden we hier evengoed Bright Flight uit 2001 of Tanglewood Numbers uit 2005 kunnen selecteren: ze zijn allemáál hartverwarmend mooi. Niet alleen vanwege de perfecte legering van americana, indiepop en countryrock, maar misschien nog het meest wegens de ronduit hemelse samenzang van David Berman en zijn missus Cassie, die ons keer op keer het water in de schoenen zingen. Matthew en Eleanor Friedberger opereerden al vanuit Brooklyn lang vóór de New Yorkse burough de navel van hip Amerika werd. Ze spelen het ene moment punky, het daaropvolgende prutsen ze met wollige keyboardklanken en vervolgens zetten ze een streepje ragtime of een Bo Diddley- beat in, terwijl op de achtergrond aldoor een piano van de trap lijkt te donderen. We like! Neen, er moest niet node een Belgische plaat in deze lijst staan - wie ons daarvan verdenkt wensen we een gedwongen verblijf in een gastenkwartier van de abdij van Westvleteren toe. Feit is dat het debuut van de band rond de West-Vlaamse singer-songwriter Wannes Cappelle twaalf ingenieuze, in weemoed gedrenkte indiepopsongs verzamelt en met Ik Haat U Nie de beste Nederlandstalige break-up song ooit herbergt.