In de jaren tachtig vond geen tiende van de Russen Stalin nog tof. Nu, meer dan vijftig jaar na zijn dood, kan de helft van Rusland de despoot wel pruimen. In De rode ziel zoekt ...

In de jaren tachtig vond geen tiende van de Russen Stalin nog tof. Nu, meer dan vijftig jaar na zijn dood, kan de helft van Rusland de despoot wel pruimen. In De rode ziel zoekt Jessica Gorter uit hoe dat kan, ondanks de tientallen miljoenen doden die zijn goelags en zuiveringen maakten. Igor (45), gedesillusioneerd door de perestrojka en de drugsdood van zijn zoon, mythologiseert Stalin. Twee bejaarde zussen wier moeder zwanger in een werkkamp gestopt werd, reppen geen slecht woord over de dictator. Galina (75) wil het verleden wél een plaats geven. Ze waart rond door noordelijke bossen, en raapt naar boven gekomen bot- en schedelfragmentjes op. Slechts 83 van de 20.000 'staatsvijanden' in het massagraf onder haar zijn geïdentificeerd. De rode ziel toont hoe Rusland zodanig snakt naar trots en stabiliteit dat het zijn collectieve trauma's onderdrukt.