[De klassieke SCENE]

Tijdsnede is geen roman, maar een collectie notities, tussen 1994 en 2000 opgetekend door de betreurde Wannes Van de Velde. Niettemin is het hier en daar grote literatuur, niet onverwacht van een man die alvast ikzelf voor onze grootste zanger en een van onze meest vooraanstaande dichters houd. Op 26 augustus 1998 noteert hij dit: 'Ik luister naar de kwartetten van György Ligeti. Ik denk dat Walter, zo hij was blijven leven, ook nog zulke muziek zou hebben geschreven. Het is pure muziek, en in een nieuwe zin klassiek: di...

Tijdsnede is geen roman, maar een collectie notities, tussen 1994 en 2000 opgetekend door de betreurde Wannes Van de Velde. Niettemin is het hier en daar grote literatuur, niet onverwacht van een man die alvast ikzelf voor onze grootste zanger en een van onze meest vooraanstaande dichters houd. Op 26 augustus 1998 noteert hij dit: 'Ik luister naar de kwartetten van György Ligeti. Ik denk dat Walter, zo hij was blijven leven, ook nog zulke muziek zou hebben geschreven. Het is pure muziek, en in een nieuwe zin klassiek: diep en toch zo herkenbaar. Een spiegel wellicht; de zin van wanhoop, het ondanks alles leven, gedachten scheppen die gedurende miljoenen jaren niet hebben bestaan. Ligt daarin niet de echte grootheid van de weerloze clown? Is hij daarin niet op zijn schoonst? Zo geeft Ligeti mij, op een niet zo bijzondere avond, nieuwe moed. Alles wat we creëren is pure winst, pure verworvenheid: dát hebben we gemaakt en we geven het door aan de anderen. Ons huis is onze geest, een levend huis: de driehoek met bovenaan ons hoofd en onderaan onze handen waarmee we vormgeven aan onze niet aflatende koorts. Meer kunnen we niet doen voor onze soort ('Notre race', zei De Ghelderode, en hij bedoelde de Vlamingen. Het weze hem vergeven; in die dagen werden woorden als ras en volk lichtvaardig in de mond genomen. Auschwitz moest nog komen).' Speelziek en toch dodelijk ernstig: Van de Velde slaat de nagel op de kop door Ligeti, een van de grootste componisten van de vorige eeuw, in die zin als clown te omschrijven. Welbeschouwd is dit fragment de best mogelijke commentaar bij Ligeti's strijkkwartetten uit de iconische jaren 1958 en 1968. Zoals gewoonlijk weeft Wannes hier in enkele zinnen vele associaties trefzeker door elkaar: Ligeti's enige opera, Le Grand Macabre, is gebaseerd op De Ghelderodes bijna gelijknamige, bijzonder koortsachtige stuk. En Auschwitz, tja, daar kom je al associërend al snel terecht. Wannes heeft met regelmaat in tekst en muziek gefilosofeerd over Duitsland, dat hem in 1944, zijn zevende jaar, ei zo na vermoordde, maar waar hij ook zijn vrouw vond. De Hongaarse Jood Ligeti verloor bijna zijn hele familie in de kampen (onder wie zijn vader in Auschwitz). Zelf verrichtte hij dwangarbeid onder het Horthy-regime. Zijn Eerste Strijkkwartet schreef hij 14 jaar later, vlak nadat hij naar Wenen was gevlucht voor de Sovjets. Het Tweede Strijkkwartet markeert zijn uiteindelijk Oostenrijks staatsburgerschap. Het is redelijk straf, hoe je na zo'n leven nog als onverbeterlijke homo ludens geboekstaafd kunt staan. Hagen Quartett en Lasalle Quartet (Deutsche Grammophon) Rudy Tambuyser