Zondag 27/2, 20.30 - één
...

Zondag 27/2, 20.30 - één Sfeervol bullshitten op het scherp van de snede: op de Britse televisie zijn zulke panelprogramma's traditie. De weinige Vlaamse varianten overstijgen daarentegen zelden het niveau van de toogpraat. Met De Kazakkendraaiers wil Bart De Pauw daar eindelijk verandering in brengen. 'Bij ons geen vetzakkerij!' Bart De Pauw: Pretentieloos amusement. Het opzet van dit panelspelletje is dat de deelnemers zich uit de meest onmogelijke situaties moeten zien te lullen. Het idee is beginnen te gisten toen ik die arme Jürgen Mettepenningen zich dag na dag als woordvoerder van aartsbisschop Léonard in allerlei bochten zag wringen om de onwaarschijnlijke uitspraken van zijn baas recht te trekken. Advocaat van de duivel spelen leek me leuk. En dus doen we dat nu elke zondag met twee teams, aangevoerd door twee vaste kapiteins: ikzelf en David Galle, de winnaar van de tweede Comedy Casino Cup. We laten ons daarbij elk bijstaan door één gast-kazakkendraaier zoals Nathalie Meskens, Tom Lenaerts en Adriaan Van den Hoof. De Pauw: Zoals bij elk programma hebben we De Kazakkendraaiers voor een klein testpubliek uitgeprobeerd. Soms was ik kapitein, dan weer presentator. In die laatste functie moet je scheidsrechter blijven, maar we merkten al vlug dat ik mij zelfs in die neutrale rol niet kon bedwingen om met een kwinkslag uit te pakken om nog wat olie op het vuur te gooien. Ik bleek dus niet de juiste persoon om mij boven het gewoel te plaatsen. De Pauw: Absoluut. Telkens als ik haar frisse verschijning bij Vlaanderen Vakantieland zie opduiken, vraag ik mij af waarom ik haar nog niet in andere programma's heb gezien. Bij een test bleek Cath de ideale dame om orde in de chaos te brengen. De Pauw: (Grijnst) Cath mag altijd proberen mij het zwijgen op te leggen. De Pauw: Ik vind het een van de mooiste programma's die ik gemaakt heb. De grote massa is jammer genoeg niet gevolgd, al kan je met gemiddeld negenhonderdduizend kijkers bezwaarlijk van een flop spreken. Het is een ziekte van de tijd: kijkers hebben veel minder geduld. Vroeger wist je als tv-maker dat je drie afleveringen had om het publiek mee te hebben, nu moet dat vanaf uitzending één. De dag nadien volgen immers de krantenrecensies en wordt ook op het internet de toon al gezet. Als je nu alles in je eerste aflevering steekt en bij de tweede nog kan maskeren dat het beste op is, is de kans groot dat de hele serie toch een succes wordt. De Pauw: Als 'ambachtelijke tv-maker' kun je die moeilijk aanpassen. Kijk naar De Ronde: 'Er gebeurde te weinig in de eerste aflevering', las ik hier en daar, terwijl ik als ervaren tv-maker nu al kan zien wat voor een straffe verhaallijnen Jan Eelen aan het uitzetten is. Pas op, ik ben ook niet helemaal vrij van zonde. Na enkele Mad Men-afleveringen vond ik er niets aan. Toch waren er enkele fans die me op het hart drukten dat ik moest blijven kijken. Terecht, zo bleek. HANS VAN GOETHEM