Joost Zweegers krijgt in de Gentse Bijloke het kruim van de Belgische jazz achter zich. Of beter: hij gaat er middenin staan. De groep werd samengesteld door Frank Vaganée, altsaxofonist en artistiek leider van het Brussels Jazz Orchestra. Om u een idee te geven van het niveau: volgens het vakblad Downbeat behoort het BJO tot de beste tien big bands ter wereld. Vaganée schreef arrangementen van Baker-klassiekers voor vijf man: Bert Joris (trompet), Kurt Van Herck (tenorsax), Ewout Pierreux (piano), Philippe Aerts (con...

Joost Zweegers krijgt in de Gentse Bijloke het kruim van de Belgische jazz achter zich. Of beter: hij gaat er middenin staan. De groep werd samengesteld door Frank Vaganée, altsaxofonist en artistiek leider van het Brussels Jazz Orchestra. Om u een idee te geven van het niveau: volgens het vakblad Downbeat behoort het BJO tot de beste tien big bands ter wereld. Vaganée schreef arrangementen van Baker-klassiekers voor vijf man: Bert Joris (trompet), Kurt Van Herck (tenorsax), Ewout Pierreux (piano), Philippe Aerts (contrabas) en Martijn Vinck (drums). Vier vaste waarden in het jazzcircuit, en met pianist Pierreux ook een van de grote aankomende talenten. De val van de imitatie ligt open. Hoe gaan jullie daarmee om?Frank Vaganée: Het is niet de bedoeling om de zaken letterlijk te kopiëren. We hebben gekozen voor thema's die Chet Baker heeft opgenomen, meer niet. Om het allemaal boeiend en afwisselend te houden tijdens een set van vijf kwartier, heb ik er enkele solisten bij gehaald en de arrangementen op die line-up laten steunen. Op die manier vermijden we platte imitatie - dat heeft geen enkele zin, en dat kún je ook niet. Spreken popmuzikanten een andere taal?Vaganée: Joost heeft natuurlijk niet de achtergrond van een jazz-zanger, en hij kent onze gewoontes niet. Maar dat vind ik net heel interessant: die werelden zullen elkaar moeten zien te vinden. Hij komt uit een wereld waar vrij weinig aan het toeval wordt overgelaten, terwijl bij ons de vrijheden van de solisten bepalend zijn voor het stuk. Joost zal zijn antennes moeten uitsteken. In tegenstelling tot collega's die opduiken in het Swingpaleis laat jij je doorgaans niet in met pop. Hoe heeft Zweegers je kunnen overtuigen?Vaganée: Ik vind het altijd interessant om cross-overprojecten te doen. En vooral: ik vind dat Joost met zijn eigen werk goeie dingen doet. Hij is heel melodieus en hij is serieus met zijn vak bezig. Kwaliteit staat bij hem voorop, wat hij ook doet. Dat sprak me aan, omdat ik zo ook de garantie krijg dat hij meewerkt aan het project, en ik niet te maken krijg met een zanger die alleen op het podium staat en nog wat mensen nodig had om materiaal te leveren. Zijn feedback is belangrijk voor mij: die bepaalt hoe ik de arrangementen naar zijn hand kan zetten. Krijgen we ook Novastar te horen?Vaganée: We brengen één song van hem als uitsmijter, Never Back Down. Joost heeft me de volledige vrijheid gegeven om dat in een ander kleedje te stoppen. Dat vind ik fijn om te doen. Veel mensen die uit een andere muzikale wereld komen, kunnen hun eigen genre niet loslaten. Dan raak je natuurlijk snel uitgepraat. Joost niet; hij is heel open en is bereid om te experimenten. (B.C.) Door Bart Cornand