Eerste zin Dat was heel anders op een schip natuurlijk.
...

Eerste zin Dat was heel anders op een schip natuurlijk. De aan alcohol verslaafde en immer op vrouwelijk vlees azende kapitein Verdussen meent een grandioos idee te hebben. Voor hij zijn pet voor eeuwig tussen het zeewier laat rusten, wil hij met zijn oude schuit nog één keer langs de kassa passeren. Hij organiseert een bezinningscruise, maar de toeloop valt tegen en het volk dat inscheept op de Calm Sea vindt hij ook maar een raar zootje. Zo is er de linkse opiniemaker Barteke Courtois, die voor Pro Progressie schrijft. Al dromend ontdekt die dat hij diep in zijn hart een racist is, waarna hij de Vlaamse afdeling van de Ku Klux Klan wil oprichten en op jacht gaat naar die zwarte rat onder de passagiers. DMC Dick is dan weer een slam poet die vroeger gedichten schreef à la Leonard Nolens maar daar zelf geen drie regels van kon onthouden. Pastoor Tom is een aan internetporno verslaafde geestelijke die met een onaangestoken sigaar zijn klapperende lippen in bedwang probeert te houden terwijl hij fantaseert over 'het vagijn', of de 'bearded clam', zoals hij het zelf liever uitdrukt. En nog een laatste misschien: Sybiel, de 42-jarige Gentse dierenartse die het zo fantastisch vindt dat haar straat bloedrood is geverfd en van iedereen wil weten wat zijn of haar hobby's en lievelingskleuren zijn. Over bloedrood gesproken, in de beste Agatha Christie-traditie moet er natuurlijk een dode vallen op zo'n cruise en Jan-Pierre, een Hercule Poirot-fan, vindt het dan ook jammer dat halverwege de reis iedereen nog steeds in leven is. Maar daar komt verandering in, want de lezer van Cruise is niet alleen getuige van het ontstaan van een volstrekt onverwachte liefdesrelatie, er wordt ook iemand een uur of twintig doodgemarteld. Christophe Vekeman bekroont twintig jaar schrijverschap met een fijne en frisse roman, heerlijk politiek incorrect en bulkend van de barokke stijlcoloraturen die we zo van hem gewoon zijn. Hij bijt, niet tot bloedens toe, want dat zou geen spitant boek opleveren, maar wel met scherpe tandjes, die kietelen en aanzetten tot kirren. Met ieder nieuw personage toont Vekeman een ander gezicht van onze hedendaagse zo vanzelfsprekend lijkende zelfgenoegzaamheid. Niets is natuurlijk of gewoon, besef je na het lezen van de nieuwe Vekeman, die zich trouwens steeds meer ontpopt als een romaneske Sigmund Freud.