TEN STRIJDE TEGEN DE TALIBAN Armadillo

Janus Metz, Denemarken Semaine de la Critique
...

Janus Metz, Denemarken Semaine de la Critique De Deense debutant Janus Metz volgt twee jonge soldaten op hun humanitaire - lees: levensgevaarlijke - missie in Afghanistan en toont hoe cynisme een grotere vijand kan zijn dan de Taliban. Een guerrilladocumentaire over verloren onschuld, adrenalineverslaving en de zin en onzin van de war on terror. Lucy Walker, VS special screening In deze documentaire toont Lucy Walker drie doemscenario's in de nucleaire wapenwedloop: ofwel duwt iemand per abuis op de rode knop, ofwel gaan die krengen vanzelf af, ofwel gaan fundamentalistische gekken ermee aan de haal. Walker sleurt niet alleen geopolitieke supersterren als Jimmy Carter, Michail Gorbatsjov, Pervez Musharraf en Tony Blair voor de microfoon, ze gooit er ook een pak archiefbeelden van bijna en hele nucleaire rampen tegenaan. Bovendien verpakt ze het politiek urgente geheel als een tijdbomthriller. Xavier Beauvois, Frankrijk competitie Vijftien jaar na zijn hiv-drama N'oublie pas que tu vas mourir en vijf jaar na zijn flikkenfilm Le petit lieutenant zet acteur Xavier Beauvois zich een derde maal achter de camera. Deze keer trekt hij naar een klooster in het Algerijnse Atlasgebergte waar de monniken sinds jaar en dag in harmonie samenleven met hun moslimbroeders. Tenminste: tot de religieuze en politieke spanningen in de regio alsmaar hoger oplopen en ze het slachtoffer dreigen te worden van fundamentalistische terreur. Beauvois baseerde zich op de slachtpartij uit 1996 in het klooster van Tiberine, waarbij zeven Franse Trappisten werden ontvoerd en twee maanden later onthoofd werden teruggevonden. Het werk van de islamitische terreurbeweging GIA die de aanslag opeiste? Of een fout gelopen interventie van het Algerijnse leger zoals de Franse geheime dienst later suggereerde? Aan Beauvois om licht te werpen op deze nooit opgehelderde gruwelzaak die ook buiten Frankrijk de gemoederen verhitte. Olivier Assayas, Frankrijk special screening Ex- Cahiers du cinéma-criticus Olivier Assayas maakte eerder de vampierfilm Irma Vep (1996) en de techno-thriller Demonlover (2002), maar gaat met deze bijna zes uur durende tv-biopic over superterrorist Carlos, alias de Jakhals, pas écht de explosieve toer op. De in Venezuela geboren Ilich Ramírez Sánchez richtte in de jaren 70 zijn eigen linkse terreurgroep op en slijt zijn dagen sinds 1994 in een Franse gevangenis. Op zijn criminele cv staan onder meer een bloedige raid op het Weense OPEC-hoofdkwartier, bomaanslagen in Parijs en Londen én klussen voor de PLO, Saddam Hoessein, de Stasi en de Securitate. Assayas laat verschillende wapenfeiten de geopolitiek gekleurde revue passeren, met als Jackal van dienst Edgar Ramirez, die eerder te zien was als linkse guerrillero in Soderberghs Guevarabiopic Che. Eat your heart out, Bin Laden. Romain Goupil, Frankrijk special screening In 1982 won Romain Goupil de Camera d'Or voor het beste debuut met de docu Mourir à trente ans, een eresaluut aan zijn mei 68-makker Michel Recanti, die in 1978 zelfmoord pleegde. Met zijn drama over racisme, multiculturaliteit en migratie gaat hij weer de geëngageerde toer op . De Tsjetsjeense Milana blikt anno 2067 terug op de tijd dat ze als kind in Frankrijk belandde en daar op een beter leven hoopte. Een kritische doorlichting van Frankrijks verstrengde asielbeleid met in de hoofdrol Valeria Bruni-Tedeschi, de zus van president Sarkozy's eega Carla Bruni. Mahamat-Saleh Haroun, Tsjaad competitie In zijn vierde langspeler doet Mahamat-Saleh Haroun het trieste relaas van Adam, een zestigjarige hotelbediende uit de Tsjaadse hoofdstad N'Djamena die door zijn nieuwe Chinese bazen verplicht op pensioen wordt gesteld. Tot overmaat van ramp flikkert de burgeroorlog weer op, waardoor de armlastige Adam door het regeringsleger gedwongen wordt om zijn financiële steentje bij te dragen. Het competitiedebuut van de straatarme, door corruptie en burgeroorlog geteisterde Centraal-Afrikaanse republiek Tsjaad.Jean-Luc Godard, Zwitserland Un Certain Regard In wat naar eigen zeggen zijn allerlaatste film wordt - trouwens zijn eerste helemaal in high definition - werpt nouvelle-vagueveteraan Jean-Luc Godard nog eens de barricades op. Een docu à la Michael Moore over Marx' erfenis hoef je niet te verwachten, laat staan een fictiefilm over malcontente proletariërs of het geslacht Tobback. In zijn gekende essayistische stijl mengt Godard bruusk feit met fictie, en politieke slogans met poëtische bespiegelingen, met als rafelige rode draad: de trip van een mediterraans cruiseschip langs Barcelona, Odessa, Napels, Alexandrië en Tel Aviv. Onder de passagiers herken je rockprofete Patti Smith, links filosoof Alain Badiou en punk-rocker Lenny Kaye, die als we de vage synopsis mogen geloven een Russische spion, een oorlogsmisdadiger en een VN-gezant tegen het lijf lopen. 'Een symfonie in drie bewegingen over vrijheid, gelijkheid, broederlijkheid en andere menselijke mythes', aldus Godard, wat dat ook moge betekenen. Jean-Stéphane Bron, Zwitserland Quinzaine In zijn tweede fictiefilm voert de voormalige Zwitserse documaker Jean-Stéphane Bron het proces van de recente bankcrisis. Dat doet hij via de reconstructie van een fictieve rechtszaak van enkele ontslagen Joe Sixpacks uit Cleveland tegen groot-bankiers die ze voor de malaise verantwoordelijk houden. De argumenten à charge en à décharge worden op een rij gezet door de man die in de docu Mais im Bundeshuus (2003) het Zwitserse confederalisme doorlichtte. Otar Iosseliani, Frankrijk special screening Sinds de Georgische veteraan Otar Iosseliani in 1982 de Sovjetcensuur ontvluchtte, woont en werkt hij in Frankrijk. Geen wonder dat thema's als ontheemding, repressie en migratie een constante vormen binnen zijn oeuvre. Zo ook in zijn vijftiende langspeler Chantrapas, een autobiografisch geïnspireerd drama over een jonge Georgische filmmaker die het in eigen land aan de stok krijgt met het starre regime en het vervolgens met meer vallen dan opstaan in Frankrijk probeert. Oliver Stone, VS buiten competitie 24 jaar nadat hij een eerste bommetje op Wall Street gooide, richt bazookafilmer Oliver Stone zijn blik opnieuw op 'that malfunctioning corporation called the USA', met de huidige bankencrisis als handige commerciële insteek. In deze sequel trekt Michael Douglas opnieuw het yuppiepak aan van überspeculant Gordon Gekko, met dit verschil dat de perfide woekeraar van weleer tot inkeer blijkt gekomen en zijn voormalige confraters zelfs tevergeefs waarschuwt voor de op til staande beurscrash. Bovendien tracht Gekko zich sinds zijn vrijlating uit de gevangenis te verzoenen met zijn dochter (Carey Mulligan) en helpt hij een jonge belegger (Shia LaBeouf) om de waarheid over de dood van diens mentor (Frank Langella) te achterhalen. Of: hoe het uitroepteken achter Gekko's legendarische slogan 'Greed is good' door een vraag-teken vervangen blijkt. Sabina Guzzanti, Italië special screening De Italiaanse comédienne Sabina Guzzanti haalde in Viva Zapatero! (2005) al grijnslachend uit naar premier Silvio Berlusconi, nadat ze door de zonnebankbruine politicus/mediamagnaat/volkskomiek van de RAI werd gebonjourd. In haar nieuwe documentaire zet ze haar strijd onverminderd voort, met als uitgangspunt de aardbeving in L'Aquila van april 2009 die 295 mensen het leven kostte en 65.000 anderen tot tentenkampen veroordeelde. Een satirische kijk op Berlusconi's herverkiezing, zijn houdgreep op de media en zijn valse belofte aan de slachtoffers van de aardbeving om hen binnen het jaar een nieuwe woonst te geven. Doug Liman, VS competitie Na Swingers (1996), Go (1999) en The Bourne Identity (2002) stond Doug Liman nog te boek als Hollywoods next big thing, maar met desastreuze ondingen als Mr. & Mrs. Smith (2005) en Jumper (2008) schoot hij zichzelf nadien lelijk in de voet. Om zijn geloofwaardigheid op te krikken liet Liman zijn oog vallen op het controversiële boek Fair Game: My Life as a Spy, My betrayal by the White House van voormalig CIA-agente Valerie Plame. In 2003 werd haar identiteit onthuld om haar man, regeringsconsulent Joseph Wilson, te treffen na zijn kritische opiniestuk in The New York Times over Bush' leugenachtige zoektocht naar Iraakse massavernietigingswapens. In Limans politieke thriller herken je Naomi Watts als Valerie Plame en notoir Hollywoodliberal Sean Penn als haar echtgenoot. Zij vervingen de aanvankelijk gecaste Nicole Kidman en Russell Crowe. Nikita Mikhalkov, Rusland competitie Nikita Mikhalkov is niet alleen de besnorde maker van bekroonde films als Urga (1992) en Burnt By The Sun (1994), hij is ook beste maatjes met tsaar Poetin en al elf jaar voorzitter van de door het Kremlin bestierde Russische regisseursbond. Van een potje patriottisme is Mikhalkov, die altijd al meedeinde op de heersende politieke golf, dus zeker niet vies. Dat zie je ook in deze sequel op zijn Oscarwinnende familie-epos Burnt By The Sun waarin hij de rol herneemt van patriarch kolonel Kotov. Die heeft de strafkampen van vadertje Stalin miraculeus overleefd en toont zich van zijn heldhaftigste kant in zijn strijd met het Rode Leger tegen de nazi's. Ondanks een Russisch recordbudget van 55 miljoen dollar en een barnumcampagne van de overheid, bleek Piotr Modaal echter amper geïnteresseerd. Bovendien kreeg Mikhalkov ook van critici de wind van voren wegens zijn pompeuze nationalisme - sommige recensenten noemde het zelfs 'een valse hymne aan Stalin en het orthodoxe christendom'. Als ze dat straks maar niet met de Goelag bekopen. Andrei Ujica, Roemenië buiten competitie Voor zijn onderdanen is Nicolae Ceausescu een spook uit het verleden, maar voor de regisseurs van de Roemeense new wave blijft hij een bron van inspiratie. Zijn erfenis werd eerder gefileerd in de bekroonde prenten van Cristian Mungiu ( 4 Months, 3 Weeks and 2 Days, 2007), Corneliu Porumboiu ( 12: 08 East of Bucharest, 2006) en Cristi Puiu ( The Death of Mister Lazarescu, 2005), nu is het banneling Andrei Ujica die zijn kritische camera op de Grote Conductator richt. In het sluitstuk van zijn trilogie over de val van het communisme vermengt Ujica feit met fictie, en essay met documentaire met als resultaat een episch, maar allesbehalve flatteus (zelf)portret. Diego Lerman, Argentinië Quinzaine Buenos Aires, 1982. In de straten van de Argentijnse hoofdstad probeert het volk de militaire dictatuur omver te werpen. De jonge schoolopzichter Maria Teresa komt plots voor een dilemma te staan: doet ze alsof er buiten de schoolmuren niets aan de hand is of volgt ze toch de gesmoorde stem van haar geweten? Een terugblik op junta van dictator Jorge Videla en co, met een eliteschool als microkosmos voor een repressieve en paranoïde maatschappij.Rachid Bouchareb, Frankrijk competitie De Algerijnse Fransman Rachid Bouchareb bracht de moslimzaak al eerder onder de aandacht in de bekroonde oorlogsfilm Indigènes (2006) en het emodrama London River (2009). Nu tackelt Bouchareb de opstand in Sétif op 8 mei 1945, het startschot van de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog. Die dag werden er honderd Franse kolonisten vermoord, waarop het Franse leger van De Gaulle keihard terugsloeg met vijftien- tot twintigduizend slachtoffers als resultaat. Hoewel niemand de film tot nog toe heeft gezien, leidde Hors la Loi nu al tot relletjes in het Franse parlement. Zo liet Lionel Luca van president Sarkozy's centrumrechtse UMP-partij het scenario doorlichten door zijn studiedienst om Bouchareb vervolgends van geschiedvervalsing te beschuldigen. 'Ik wil niet ontkennen dat de Fransen op een verwerpelijke manier hebben gereageerd,' aldus Luca, 'maar pas nadat ze als konijnen werden afgeslacht.' Of hoe Frankrijks multiculturele debat in de cinema onverminderd voortgaat.