X&Y
...

X&YEMI Hoe is het om Chris Martin te zijn? We hebben het ons even proberen voor te stellen. Een geweldige trip! Elke ochtend stomende seks met Gwyneth Paltrow. Dan even de kleine in de wangen knijpen en de nanny in de billen, en vervolgens naar de studio vertrekken. Onderweg per telefoon de platenbaas uitkafferen: je hebt extra tijd gevraagd om je derde plaat af te werken, maar je hebt extra druk gekregen - wie denkt ie wel dat ie is?! Tussenstop bij Oxfam om onze macrobiotische schotel af te halen en dan gezwind de studio in om een dag lang te dollen met de maten! 's Avonds een journalist gebeld om met gespeelde ernst te zeggen dat niets nog werkt, dat je hét kwijt bent, maar dat het wel goed komt en dat je U2 nog altijd zult overtreffen. Gelachen, man! Helaas, de echte Chris Martin kan op X&Y, dat langverwachte derde plaatje, niet lachen en maakt integendeel een verwarde, onrustige en angstige indruk. ' I'm so scared of the future', biecht hij op in Talk. Je zou voor minder: hoe meer je hebt, hoe meer je te verliezen hebt, leert onze handleiding basispsychologie. Zijn succes (16 miljoen platen verkocht in vijf jaar tijd), zijn relatie (met Hollywoodster Gwyneth Paltrow dus) en zijn dochter (Apple Blythe) hebben z'n gevoelens, en bijgevolg ook z'n twijfels, alleen maar verhevigd. Aan emotie is er daardoor geen gebrek op X&Y: het mooi met een vierstemmig koor afgeronde Fix You biedt een rouwende Gwyneth troost en de melancholische piano in What If wordt stelselmatig door strijkers opgevreeën om, in een pompeuze finale, naar een orgasme toe te werken. Als je de brede orkestraties van deze cd wegdenkt, valt op dat de songs vrijwel hetzelfde stramien volgen als op doorbraakplaat A Rush Of Blood To The Head. Het zijn vooral de intro's en de outro's die buiten de lijntjes kleuren, zoals het orgel dat een punt zet achter White Shadows en de atmosferische keyboards à la Peter Gabriel die Square One inzetten. Coldplay begint hier en daar tics te vertonen. Soms, in het titelnummer bijvoorbeeld, gaat het gebruik van Martins falsetstem op de zenuwen werken. Nadat een eerste, naar verluidt té experimentele poging was geaborteerd, besloot de groep in de studio omzichtiger met de songs om te springen. Talk was oorspronkelijk rond een sample van Kraftwerk's Computer Love gebouwd, nu verwijst enkel nog een riff er vaag naar. De invloed van Brian Eno op Low is alleen voor de bijzonder aandachtige luisteraar hoorbaar: de klanktovenaar moet zich beperken tot gefriemel op de achtergrond, wat er een kleine Talk Talk-draai aan geeft. Het is in de eerste plaats de stuwende bas die maakt dat het apart komt te staan van de rest van het album: het is een van de weinige songs die écht een scherp randje hebben. Het is tekenend dat Twisted Logic - nochtans de kwaaiste song die Coldplay tot nog toe pende - pas helemaal op het einde losbarst. Er is iets raars aan de hand met X&Y: ondanks het massieve geluid weet het je niet midscheeps te raken. Zoals steeds drukt gitarist Jonny Buckland zijn stempel: zijn riffs geven liedjes als White Shadow, Talk en Swallowed In the Sea reliëf. Alleen valt meer dan vroeger op dat hij zich vaak aan The Edge spiegelt. Het heet dan ook dat Coldplay met deze typische stadionrockplaat U2 wil overklassen. Ik moet ze teleurstellen: daarvoor moeten ze véél vroeger opstaan en vooral blijven proberen. Bono en de zijnen zijn zo groot omdat ze uniek zijn, en dat is Coldplay vooralsnog te weinig. X&Y is heel degelijk - slechte songs vallen er niet op te bespeuren -, maar de extreem hoge verwachtingen inlossen, doet het niet. Peter Van Dyck Peter Van Dyck