De Koude Oorlog bereikte ook op en rond het schaakbord weleens een kookpunt. Maar nooit zo als in de WK-finale van 1978, een afmattende strijd van 92 dagen, 32 part...

De Koude Oorlog bereikte ook op en rond het schaakbord weleens een kookpunt. Maar nooit zo als in de WK-finale van 1978, een afmattende strijd van 92 dagen, 32 partijen, waarvan 21 remises. In de ene hoek: titelverdediger Anatoli Karpov, de onkreukbare golden boy van de USSR. In de andere: Viktor Kortsjnoj, ouder, Joods en een 'volksverrader' - hij had het moederland 21 medailles bezorgd vooraleer hij naar het Westen vluchtte. Achttien grootmeesters, onder wie Karpov, en een boel archiefbeelden vertellen u dat de Sovjetmedia Kortsjnojs naam zelfs weigerden te gebruiken. Of dat in Karpovs team op de voorste rij een hypnotiseur zat die Kortsjnoj counterde met een reflecterende bril, fysieke bedreigingen en door twee moorddadige sekteleden te laten opdraven. En er was het yoghurtincident.