INSIDE MAN Spike Lee, 2006

Owen gaat als gemaskerde bankovervaller en crimineel meesterbrein het duel aan op Wall Street met ervaren politierot Denzel Washington in deze spannende, ingenieuze en heerlijk satirische heist movie van Spike Lee. Sociale commentaren en raciale grappen krijg je er gratis bovenop.

SIN CITY Frank Miller & Robert Rodriguez, 2005

Gelooide flikken, geflipte gangsters en moordlustige hoeren bevolken deze spijkerharde neo-noir, waarin het zondige universum van stripgoeroe Frank Miller door hemzelf en doe-het-zelver Robert Rodriguez tot leven wordt gewekt. En dat met behulp van digitale effecten, expressionistische zwart-witdecors, gastregisseur Quentin Tarantino en een cast die genoeg sterren bevat om een heel firmament mee te plamuren. Naast Bruce Willis, Rosario Dawson, Mickey Rourke, Benicio del Toro, Elijah Wood en Jessica Alba herken je Clive Owen als de goedhartige hoerenloper die zich laat strikken voor een bloedige klus.

CLOSER Mike Nichols, 2004

'Thank you for your honesty. Now fuck off and die, you fucked up slag.' Aldus Clive Owen oftewel Dokter Larry, wanneer die in dit bitterzoete en door toneelauteur Patrick Marber briljant geschreven ménage-à-quatre over liefde, lust en overspel te horen krijgt dat zijn vriendinnetje - een rol voor Julia Roberts - is bedrogen. Goed voor Owens eerste en voorlopig enige Oscarnominatie (voor beste mannelijke bijrol), een gesmaakte comeback voor Hollywoodveteraan Nichols ( The Graduate, Catch 22, Carnal Knowledge) én genoeg inspirerende oneliners om die hatemail aan uw ex mee vol te schelden.

KING ARTHUR Antoine Fuqua, 2004

Blockbustermogol Jerry Bruckheimer die een 'demythologiserend en historisch' epos brengt over de échte King Arthur en de échte ridders van de ronde tafel? Het klinkt even geloofwaardig als Donald Rumsfeld die een vurig pleidooi houdt voor het naleven van de conventies van Genève, maar gelukkig weet Antoine 'Training Day' Fuqua wel raad met forse actiescènes, terwijl Clive Owen als de Romeinse veldheer en would-be-mythe Arthur zelfs beeldig staat met rokje en harnas.

THE BOURNE IDENTITY Doug Liman, 2002

In zijn eerste potente Hollywood- bijrol zit Clive Owen als koele killer de uitgerangeerde CIA-spion Jason Bourne (Matt Damon) op de hielen. Die laatste heeft misschien zijn geheugen verloren, maar zeker niet zijn leepheid. Degelijke suspensethriller - de eerste uit de verrassend succesvolle Bourne-franchise, oftewel the thinking man's James Bond - waarin regisseur Doug Liman wel érg vrij omspringt met de spionagebestseller van Robert Ludlum.

THE HIRE Wong Kar-wai, Alejandro González Iñárritu, Ang Lee, Joe Carnahan, Tony Scott, John Woo, John Frankenheimer, Guy Ritchie, 2002

Dure BMW's, chique settings en Clive Owen als chauffeur. De testosteron spat van het scherm af in deze reeks van acht kortfilms die werd gemaakt in opdracht van BMW, maar gelukkig ook het stilistisch raffinement. In de regiestoel plantte de Beierse autofabrikant dan ook bovengenoemde topcineasten, die elk in hun eigen specifieke stijl tekenen voor blitse auto-achtervolgingen en coole gags, met Owen telkens zelfverzekerd en stoïcijns achter het stuur.

GOSFORD PARK Robert Altman, 2001

Tea at four. Dinner at Eight. Murder at Midnight. Robert Altman zapt in zijn bekende ironisch observerende mozaïekstijl tussen upstairs en downstairs en legt aldus het Britse klassensysteem bloot in deze heerlijke zedenkomedie, listig vermomd als een Agatha Christie-achtige whodunit. Met Michael Gambon als de steenrijke patriarch die in zijn villa vermoord wordt teruggevonden, Kristin Scott-Thomas als diens lepe prijseega en Clive Owen als de stoere lakei die het allemaal met een laconieke grijns observeert.

CROUPIER Mike Hodges, 1998

Owens eerste noemenswaardige hoofdrol is die van Jack Manfred, een tweederangsschrijver die aan de slag gaat als croupier in een casino, er de verleidelijke gokster Jani ontmoet en zich laat meesleuren op het criminele pad. Het resultaat is een taaie en clevere neo-noir van Britse makelij waarin veteraan Mike Hodges bij vlagen nog eens zijn oude niveau van Get Carter terugvindt en Owen bewijst dat hij aan het optrekken van een wenkbrauw al genoeg heeft om de camera naar zich toe te zuigen.

(D.M.)