Films: *Extra's: ****(Moskwood)
...

Films: *Extra's: ****(Moskwood) Film. Met Caravaggio ging voor Derek Jarman (1942-94) een levensdroom in vervulling. Als vaandeldrager van de Queer Cinema-beweging sloopte de Britse avant-gardefilmer menig heilig huisje en was hij het establishment uit het Thatchertijdperk een doorn in het oog. Geen wonder dat Jarman zich identificeerde met de renaissanceschilder die in opdracht van de Kerk werkte terwijl hij zelf liefst in de seksuele en criminele onderwereld vertoefde. Op het oog is deze arthousebiopic de meest conventionele film van een regisseur die zijn leven lang als een schilder met het filmmedium bleef experimenteren (dat hij zag als een alchemie van licht en materie). Verwacht daarom zeker geen academisch kunstenaarsportret in gladde Hollywoodstijl. Jarman draaide zijn film volledig in een kleine studio in de Londense East End, vulde de soundtrack met Italiaanse straatgeluiden en laat zijn schandknapen, kerkleiders en kunstminnaars rekenmachientjes, motorfietsen en schrijfmachines gebruiken. De extreme stilering en de speelse vervreemdingseffecten verhinderen geenszins dat we echt ondergedompeld worden in de gekwelde wereld van Michelangelo Caravaggio (gespeeld door Nigel Terry) die in 1610 van op zijn Siciliaans sterfbed terugblikt op zijn korte maar felle bestaan. De herinneringen van de geniale schilder defileren als een koortsachtige droom op het scherm: zijn jaren als kinderboefje, zijn ervaringen als Romeinse prostitué, zijn schermutselingen met broodheren en complotterende kardinalen, zijn schelmenstreken in taveernen en kelders, zijn liaisons met hoertjes en plezierjongens die hij op het doek in diep christelijke poses verheerlijkte, zijn obsessie met een zwervende gokker die hij beminde en vermoordde. De dramatische beeldcomposities, de kale decors en de razend knappe chiaroscuro-fotografie van Gabriel Beristain (die op een commentaartrack zijn werk toelicht) wekken het gevoel dat Caravaggio in zijn eigen doeken leeft en dat je als toeschouwer de schilderijen binnenstapt. Extra's. Naast Caravaggio krijgen ook The Angelic Conversation en Wittgenstein (zie Jarman Top-5) een uitmuntende dvd-editie, met naast de gerestaureerde films ook kortfilms, interviews met Jarman en zijn belangrijkste artistieke medewerkers (onder wie actrice Tilda Swinton en decorontwerper Christopher Hobbs), introducties van filmhistorici, stills-galerijen, storyboards, productieschetsen en notities. Uit al deze getuigenissen en documenten groeit een veelledig portret van de kunstenaar Jarman en de thema's die zijn intens autobiografisch werk beheersen: zijn liefde voor sweet boys en Engelse landschappen, zijn obsessie voor dood en verval (tijdens de opname van The Angelic Conversation testte hij seropositief, eind jaren 80 nog een doodvonnis; in 1994 stierf hij aan aids), zijn afkeer voor het harteloze consumerism dat zijn land om zeep hielp; zijn onweerstaanbare drang tot filmen die hem zonder de minste moeite deed overstappen van 35 mm naar Super-8 en video, zijn blijvend experimenteren met de materiële essentie van beeld en geluid. Patrick Duynslaegher