AT THIS TIME
...

AT THIS TIME (COLUMBIA) Naar aanleiding van de Lifetime Achievement Award die Leiber & Stoller op het Filmfestival van Gent in ontvangst namen, schreef een krant dat de hitfabrieken vandaag verdwenen zijn. Dat klopt niet helemaal: ze bestaan nog wel, maar onder een andere vorm, en ze behoren zeker niet langer de blanke rockwereld toe. Leiber & Stoller en Bacharach & David zijn vervangen door de collectieven rond hipproducers als Dr. Dre, Timbaland en The Neptunes. Zij leveren niet enkel aan brotha's in da hood, maar vinden ook gretige afnemers in popsterren als Britney Spears, Justin Timberlake en The Pussycat Dolls (zie recensie in belendende pagina). U hoeft er dan ook niet van te schrikken dat Burt Bacharach- op de hoes poserend in een hippe Adidas-broek - voor z'n comebackalbum in zee is gegaan met Dr. Dre. They are two of a kind. Dit is de tweede comeback voor de man die zijn gloriejaren in de jaren '60 en '70 kende. Tegen het einde van de nineties kwam de dandy plots weer in the picture. Niet alleen maakte hij opgemerkte cameo's in de Austin Powers-films van Mike Myers; jongere collega's als Noel Gallagher (Oasis) en Elvis Costello haalden bovendien Bacharach als hun grote voorbeeld aan. Met Costello schoof Bacharach aan de schrijftafel, en na een eerste bevredigende test (een opdracht voor de rolprent Grace Of My Heart) volgde de full-cd Painted From Memory. Buiten de occasionele filmsong werd het daarna weer helemaal stil rond de notoire ladykiller, al nam hij in 2003 nog een duo-plaat op met zanger Ron Isley, die vooral bestond uit herwerkingen van z'n eigen klassiekers. Het duurde tot vandaag - 16 jaar na het album Woman - vooraleer Bacharach nog eens een volwaardig soloalbum met exclusief nieuw materiaal bij elkaar componeerde. Waarom doorbreekt hij het stilzwijgen? Omdat hij iets te vertellen heeft. Ondanks z'n gezegende leeftijd van 77 jaar is Bacharach vader van twee kleine kinderen en een tienerzoon. Hij maakt zich diep zorgen om de wereld waarin hij ze gedropt heeft. Het deed de man, die de teksten vroeger aan Hal David overliet, zelf naar de pen grijpen. ' Who are these people that keep telling us lies/and how did these people get control of our lives/and who'll stop the violence 'cause it's out of control/make 'em stop', klinkt de smeekbede in Who Are These People?. Precies omdat de teksten op At This Time Bacharach zo dierbaar zijn, is hij er vrij zuinig mee. Pas na een intro van drie minuten, met wervelende viooluithalen die de spanning opbouwen, mag Rufus Wainwright in Go Ask Shakespeare zijn geweeklaag inzetten. Soms hoor je geen solist, maar enkel een koor dat enkele regels herhaalt. Dit zijn zeker geen liedjes van traditionele snit à la What The World Needs Now of I Say A Little Prayer. Bij momenten houden ze het midden tussen jazzfunkjam, musicalsong en klassieke compositie. Als vanouds engageerde de Amerikaanse songsmid een groot orkest (35 man sterk) voor de vernuftige harmonieën. De arrangementen zijn complex. In het prachtige Is Love Enough? spelen Bacharachs trompetstoten (zijn handelsmerk), synthesizermotiefjes, Spaanse gitaarlicks, strijkers en saxofoons haasje-over. Wie had gehoopt dat de clash met Dr. Dre, die voor drie songs drumloops levert, zou leiden tot een felle, stomende plaat, moeten we teleurstellen. De droge beats en de dubby bas van opener Please Explain doen wel eigentijds aan, maar roepen toch eerder associaties op met de elegante soul van The Blue Nile. Het uitzonderlijk door de meester zelf gezongen Where Did It Go? lijkt een ontmoeting tussen Candy Dulfer en Craig Armstrong. At This Time is een ingetogen downtempo-album. Het is een persoonlijke plaat geworden, door de openheid waarmee Bacharach zijn besognes met de luisteraar deelt, én door de productie. Wie maakt vandaag nog zo'n gepolijste en weelderige plaat? Ritmisch is ze helaas wat eenduidig - op dat vlak hadden we toch meer verwacht van de hiphopinjectie. Oude fans zullen hun held weer in de armen sluiten, maar om een nieuw, jong publiek te bereiken, mist At This Time wat dynamiek. Peter Van Dyck