Jong zijn we niet meer, maar het leven is nog lang niet voorbij, denkt de 62-jarige Elisabeth Jauze, en ze besluit een feestje te geven voor haar vrienden. Onder hen ook haar bovenbuurman Jean-Lino, die gek is op paardenrennen maar thuis onder de knoet wordt gehouden door zijn vrouw Lydie, een bohemienne die haar Italiaanse kat haat maar best een mondje kan zingen. Heb ik glazen genoeg? En bordjes? Staat de etiquette papieren serviettes toe? Gaat die ene dronkenlap het feestje niet vergallen? Brengt mijn zus haar minnaar mee, die rare kerel die haar bestookt me...

Jong zijn we niet meer, maar het leven is nog lang niet voorbij, denkt de 62-jarige Elisabeth Jauze, en ze besluit een feestje te geven voor haar vrienden. Onder hen ook haar bovenbuurman Jean-Lino, die gek is op paardenrennen maar thuis onder de knoet wordt gehouden door zijn vrouw Lydie, een bohemienne die haar Italiaanse kat haat maar best een mondje kan zingen. Heb ik glazen genoeg? En bordjes? Staat de etiquette papieren serviettes toe? Gaat die ene dronkenlap het feestje niet vergallen? Brengt mijn zus haar minnaar mee, die rare kerel die haar bestookt met foto's van rijzwepen en tepelklemmen? Waarom krijg ik trouwens nooit zulke bronstige berichten van mijn man? Of neen, laat maar, ik zie mezelf niet in latex rondhuppelen. Elisabeth piekert wat af, en in het begin verloopt de avond stroef, maar gaandeweg doet de champagne haar werk, buiten dwarrelt de eerste sneeuw naar beneden en die Lydie valt eigenlijk best wel mee - op haar obsessie met biologische kippen na misschien. Gezellig, zo'n borrel, moeten we vaker doen. Een beetje draaierig maar tevreden gaat Elisabeth slapen. Net voor ze indommelt, hoort ze iemand aan de deur kloppen. Ze port haar man wakker, trekt haar Musti-hemdje aan en loert door het spionnetje: bovenbuur Jean-Lino. De deur gaat open en dan komt de bekentenis. Het is Yasmina Reza niet om de grote plotwending te doen - wie een beetje oplet, ziet die zo aankomen - maar om het dilemma dat Elisabeth voorgeschoteld krijgt: hoe ver ga je om een vriend in nood te helpen, tegen de wil van je echtgenoot in? Elisabeth komt in een lastig parket terecht, maar eigenlijk vindt ze het best spannend: het is niet omdat je de zestig voorbij bent dat het avontuur niet lonkt. Reza legt terecht de klemtoon op de psyche van haar personages, en slaat daarbij vaak een grappige toon aan. Soms wat te makkelijk - om te lachen met de burgermannetjes en vrouwtjes van de voorstad moet je niet echt diep in de moppentrommel graaien - maar meestal teder. Vooral hoe ze Elisabeth portretteert, met al haar besognes en gepieker maar ook met haar liefde voor man en buur, getuigt van mensenkennis en een zachtaardige pen. Ook Reza's voorliefde voor theater - haar bekendste werk daarvoor, Le Dieu du carnage (2006), verzamelde tig bekroningen - schemert door de tekst: levensechte dialogen die rondgonzen in de beperkte setting van een flat. Pijnlijk herkenbaar ook: onwillekeurig kijk je naar je eigen muren en vraag je je af welke drama's zich aan de andere kant afspelen. Misschien is het tijd om die ene vriendelijke buur toch eens op het aperitief te vragen. BABYLON *** Yasmina Reza, De Bezige Bij (originele titel: Babylone), 172 blz., ? 18,99. RODERIK SIXCENTRALE ZINNEN Hoe is het mogelijk? Een meisje leeft erop los, sjouwt op hoge hakken en opgetuigd als een kerstboom door het leven en opeens is ze zestig.