Blue Monday - Fats Domino and the Lost Dawn of Rock 'n' Roll ****

RICK COLEMAN
...

RICK COLEMAN DA CAPO PRESS, 364 BLZ., euro 25 Kon die vent nu werkelijk niets doen zoals het hoort? De spelregels zijn toch algemeen bekend? Je scoort in de jaren 50 een paar grote hits, maakt een nichtje zwanger en stort met je motor of vliegtuig te pletter, zoiets. Onsterfelijkheid verzekerd, mede dankzij lofbetuigingen van Keith Richards en Paul McCartney. Maar neen. Antoine 'Fats' Domino liet zich van bij het begin uitlachen om zijn warme vlezen overjas, schreef met Blueberry Hill een trouwklassieker en... bleef leven. Zelfs toen hij de kans kreeg om die lacune op zijn cv te vullen en een van de beroemdste slachtoffers van orkaan Katrina te worden, liep het mis: nadat hij enkele dagen vermist was geweest, kwam hij alsnog levend boven water. Fats Domino, kortom, is de brave tsjol van de rock-'n-roll. Tenminste, zo leek het tot Rick Coleman met zijn biografie Blue Monday - Fats Domino and the Lost Dawn of Rock 'n' Roll kwam aanzetten. Niet onterecht vond de auteur dat de pianist al te makkelijk over het hoofd wordt gezien in de betere rockencyclopedieën, die hem steevast reduceren tot een ongevaarlijke Oom Tom met worstvingers. Coleman windt er geen doekjes om: Domino lag aan de basis van de rock-'n-roll, en hij is bereid om eigenhandig de muziekgeschiedenis te herschrijven. Ten bewijze: Domino's percussieve pianostijl zou aan de basis hebben gelegen van de typische backbeat van de rock. Elvis, Little Richard, John Lennon en David Bowie noemden hem hun vroegste invloed. En Fats' concerten werden door blank Amerika als een aanslag op de goede zeden én de segregatieregels beschouwd, met alle rellen van dien. How rock can you get? Het probleem is dat Coleman zélf niet rockt. De man wringt zich in bochten om niet in de vertrouwde rockclichés te vervallen, maar struikelt over zijn geforceerde, pseudoliteraire stijl. Hij is er wel in geslaagd om voor één keer geen rock- hagiografie te schrijven, en doet een verdienstelijke poging om de rock-'n-roll weer zwart te maken. Néén, Elvis, Jerry Lee Lewis en Buddy Holly waren niet de eersten, en já, New Orleans heeft een veel grotere rol in de ontwikkeling van het genre gespeeld dan tot nu toe werd aangenomen. Tientallen tijdgenoten (en hun vettigheden) die van de rock Iets Gevaarlijks hielpen maken, passeren de revue - al zijn de meesten van hen allang verdwenen door kanker, drugs of autocrashes. Merci, jongens. Merci. Bart Cornand