Er zit een scène in The World's a Little Blurry, de fly on the wall-documentaire over Billie Eilish die eerder dit jaar verscheen, waarin de popster de camera een blik gunt in haar schetsboek. Behalve piemels staan daarin vooral veel spinnen, slangen en andere griezelige creaturen, geaccentueerd in donkere, harde, bijna gekraste potloodlijnen. Zo klonk ook haar debuut When We All Fall Asleep, Where Do We Go? (2019) ons in de oren: donkere hersenkronkels van een tiener, af...

Er zit een scène in The World's a Little Blurry, de fly on the wall-documentaire over Billie Eilish die eerder dit jaar verscheen, waarin de popster de camera een blik gunt in haar schetsboek. Behalve piemels staan daarin vooral veel spinnen, slangen en andere griezelige creaturen, geaccentueerd in donkere, harde, bijna gekraste potloodlijnen. Zo klonk ook haar debuut When We All Fall Asleep, Where Do We Go? (2019) ons in de oren: donkere hersenkronkels van een tiener, af en toe iets te dik, te dramatisch in de verf gezet. En toen kleurde Billie Eilish haar lokken, en prijkte ze in korset op de cover van Vogue. Dat nieuwe imago luidde het begin van een herboren artieste in. Blonder, bloter maar ook blijer, als we de titel van haar tweede album mogen geloven. Minder cartoonpersonage, meer volwassen (wordende) vrouw. 'I'm gettin' older, I've got more on my shoulders/ But I'm gettin' better at admitting when I'm wrong', zingt ze over een sober orgeltje in Getting Older, de opener van haar tweede album. 'I'm happier than ever, at least, that's my endeavor/ To keep myself together, and prioritize my pleasure.'Ze zijn er nog, de overstuurde basdreunen en stampvoetende ritmes die broer Finneas zo gretig uit zijn mouw schudde op When We All Fall Asleep. Tijdens Oxytocin, bijvoorbeeld, pure wellust op een Neptunes-achtige beat. 'I like to do things God doesn't approve of if she saw us.' Dat weten we dan ook. Maar het is vooral zelfreflectie die overheerst. Zelf schoof Eilish inspiratiebronnen als Julie London en Peggy Lee naar voren, vrouwelijke crooners wier zwoele verleiding doorschemert in Billie Bossa Nova, de bluesy eerste helft van My Future en Halley's Comet, een rond ingetogen piano opgebouwd liefdesliedje met een minimalistische coda die heeft liggen rijpen in een rokerige jazzclub. Niet meteen spul waarmee je poparena's in de fik zet. Hetzelfde kunnen we zeggen over de ambientballade Not My Responsibility, waarin Eilish haar ervaringen met bodyshaming van zich af schrijft, en over Everybody Dies, een gevoelige sleper die uit de koker van Lana Del Rey lijkt te komen. De stem van generatie Z is gegroeid als zangeres en als songschrijver. Ze huilt geen zwarte tranen meer, en zelfs in de meest melancholische momenten klinkt oprechte hoop door.