'Tony Wilson van Factory Records was de eerste die zei: "Jullie zijn de toekomst van de popmuziek!", herinnert OMD-zanger Andy McCluskey zich. 'Fuck off! was onze reactie, we zijn experimenteel. (lacht) Enkele maanden later stond Enola Gay op één.'
...

'Tony Wilson van Factory Records was de eerste die zei: "Jullie zijn de toekomst van de popmuziek!", herinnert OMD-zanger Andy McCluskey zich. 'Fuck off! was onze reactie, we zijn experimenteel. (lacht) Enkele maanden later stond Enola Gay op één.' McCluskey: Toen we in 1984 voor Junk Culture in de Brusselse ICP-studio's gingen opnemen, hebben we drie maanden in een oude hoeve in De Haan gewoond. In enkele schoollokalen waarin we mochten repeteren, hebben we de videoclip voor Locomotion gefilmd. Ook in Antwerpen heb ik een aantal weken gelogeerd. Elke oude meester heb ik er gezien, elk museum heb ik er bezocht. Het wordt een fijn weerzien. McCluskey: Zo rond 2005, 2006 werd er duchtig aan onze mouw getrokken om weer met de originele bezetting te toeren. Ik had geen zin om me in een gratuite nostalgietrip te storten. Maar naarmate het millennium vorderde, begon ik te snappen dat mode - muziek, kledij, kunst, eender wat - niet langer lineair evolueert. Vroeger volgde de ene nieuwigheid de andere op, en met elke nieuwe gril verdween de vorige. Nu niet meer: alle mode refereert constant aan zichzelf. McCluskey: Precies! Dat was een hele shock: jarenlang heb ik de toekomst een gezicht en geluid willen geven. Toen ze dan arriveerde, bleek ze verdacht veel op de sixties te lijken. (lacht) Het woord passé bestaat niet meer, van een tijdslijn is nauwelijks nog sprake, alles loopt door elkaar. McCluskey: Natuurlijk niet, we hebben onze rol gespeeld en worden daar nog elke dag voor gerespecteerd, en sinds enkele jaren worden we regelmatig gevraagd nieuwe bands te producen. Elektronische muziek raakt nooit uit de mode, beste jongen. Er zal altijd een publiek bestaan dat meer wil dan seks, drugs en rock-'n-roll. Elektronische muziek is een tikkeltje intellectueler dan dat. McCluskey: Geen enkele, want ik zeg altijd neen. (lacht luid) Ik hou ervan melodieën en songs te bedenken en uit te brengen, maar aan het opnameproces daartussen heb ik een grondige hekel. Let op, ik vind veel van de bands die in onze voetsporen zijn getreden best goed. Hot Chip bijvoorbeeld, Robyn. Zij behoren tot de five percent. Want 95 procent van de muziek die verschijnt, is natuurlijk shit. Dat is altijd al zo geweest. McCluskey:(lacht) Oké, die gun ik je. En toch: hun eerste album, Right Now, is nog steeds een knappe verzameling popsongs, vind ik. Daarna ging de platenfirma er zich mee moeien en heb ik er mijn handen van afgetrokken. Hun bestaan heb je trouwens aan Kraftwerk te danken, het hele gedoe was hun idee. McCluskey: Of beter gezegd, Karl Bartos van Kraftwerk heeft het zaadje in mijn hoofd geplant. 'Geef je nieuwe songs niet aan een publisher', zei hij toen OMD even uit elkaar was. 'Creëer een vehikel voor je muziek, je zult er een groter publiek mee bereiken.' Geprefabriceerde bands zijn van alle tijden. Persoonlijk vind ik dat girl groups altijd het beste vehikel zijn geweest voor songschrijvers. Het enige waar boybands goed voor zijn, is bewijzen dat liefde niet alleen blind is, maar ook doof (lacht). McCluskey: En het fragment Enola Gay gehoord, bedoel je? Jazeker, ik wist op voorhand dat regisseur Danny Boyle onze song ging gebruiken. Mooi van hem, om nieuwe en oude popmuziek zo'n grote rol toe te bedelen. Dat blijft een van de grootste sterktes van Engeland. Ik was wel een klein beetje verrast dat ze alleen een instrumentale passage uit Enola Gay gebruikten, waarschijnlijk om de Japanse atleten niet te schofferen. Het is en blijft een liedje over de atoombom, nietwaar? OMD Rivierenhof, 15/8 VOLGENDE WEEK Trixie Whitley (18/8, Rivierenhof; 23/8, Feest in het Park)door Jonas Boel